Werkloosheid (cijfers)    Werkloosheid (passende arbeid) 


Werkloosheid (inleiding en begrippen)

Datum laatste wijziging: 31 maart 2019  |  Trefwoorden: Werkloosheid, WW-uitkering, UWV

Inhoud

  1. Definities
  2. Financiering
  3. Poldermodel
  4. Kans op werk het grootst in eerste maanden werkloosheid
  5. Sectoraansluiting
  6. Premie
  7. Seizoensinvloeden
  8. Individuele re-integratie-overeenkomst (IRO)
  9. Arbeidsadviseur
  10. Scholing
  11. Gemiddelde daling sectorpremie WW in 2015
  12. EURES Jaarboek 2014 verschenen
  13. Kamer twijfelt steeds meer over banenplan Asscher
  14. Wetenschappers helpen bij bemiddelen naar werk
  15. Voor lagere werkloosheid is meer economische groei nodig
  16. Geen sociale bijdrage voor eerste werknemer(s) in België
  17. Bedrijf starten vanuit de WW is populair
  18. Regeringsbeleid afgelopen jaren kostbaar en veroorzaakte onnodig veel werkloosheid
  19. Te weinig hulp van UWV en gemeenten voor werklozen
  20. Werklozen toch aan de slag in de kassen
  21. Gegijzeld door het UWV
  22. Overzicht werkloosheid anno 2016
  23. Aanpak misbruik WW blijft uit
  24. Persoonlijk werkplan heeft positieve effecten voor WW’ers
  25. AWVN lanceert Nationale voorbeeldenbank inclusief werkgeven
  26. Gemiddeld 28 procent Ww’ers zonder startkwalificatie
  27. Kabinet gaat arbeidsongeschikten gebruiken als proefkonijn in experiment

Definities

Het zijn er verschillende:
  • Het UWV telt iedereen mee die als werkzoekende zonder baan staat ingeschreven.
  • Het CBS richt zich op alle personen van 15-64 jaar zonder werk (of minder dan twaalf uur per week), die actief op zoek zijn naar betaald werk voor twaalf uur of meer per week en daarvoor binnen 3 maanden beschikbaar zijną.
Werkloos zijn en een WW-uitkering ontvangen zijn dus gescheiden begrippen. Een werkloze kan om een aantal redenen geen uitkering krijgen (heeft het niet aangevraagd, komt daarvoor niet (meer) in aanmerking of is herintreder), zie ook onder. Een WW-uitkeringgerechtigde wordt altijd tot de werklozen gerekend. (Bron: CBS, 4 okt. 2010)






ą De internationale definitie werkloosheid luidt: Alle personen vanaf 15 jaar zonder werk, die actief op zoek zijn naar betaald werk voor 1 uur per week of meer en daarvoor binnen 2 weken beschikbaar zijn.

NB: Het CBS stapte per 2015 permanent over op de internationale definitie, de definitie van de International Labour Organisation (ILO).

Financiering

De WW wordt gefinancierd met de premies die sinds 2009 uitsluitend door de werkgevers worden betaald. Volgens het Regeerakkoord 2012 gaan de premies omhoog als verrekening van het financiële voordeel dat werkgevers hebben door de hervorming van het ontslagrecht.

Poldermodel

In de periode van veel werkloosheid (1994) voerden werknemers-, werkgeversorganisaties en overheid regelmatig overleg, om te komen tot een gezamenlijke aanpak om de werkloosheid te bestrijden. Dit overleg dat de naam poldermodel heeft gekregen, resulteerde onder meer in afspraken over loonmatiging en het scheppen van extra werkgelegenheid door het beschikbaar stellen van ervaringsplaatsen.

Kans op werk het grootst in eerste maanden werkloosheid

De meeste WW’ers die weer aan het werk komen vinden hun nieuwe baan tussen twee en zeven maanden na de start van hun uitkering. Dat is vaak ruim voor het bereiken van de maximale uitkeringsduur. Leeftijd en opleidingsniveau spelen bij snelle uitstroom een belangrijke rol. Dat zijn enkele uitkomsten van een analyse van werkhervatters vanuit de WW die is gepubliceerd in het UWV Kennisverslag. De analyse bevestigt dat werkzoekenden zo snel mogelijk actie moeten ondernemen om de kans op een nieuwe baan te vergroten.

Pas bij WW’ers vanaf 57 jaar neemt het percentage werkhervattingen vanuit de uitkering snel af.

Sectoraansluiting

Voor de werknemersverzekeringen is het bedrijfsleven verdeeld in sectoren. Elke sector bestaat uit een of meer bedrijfs- of beroepstakken of gedeelten daarvan. Werkgevers zijn verplicht aangesloten bij een van de sectoren. Bij welke sector dat is, hangt af van de werkzaamheden. Uitgangspunt is dat werkgevers met dezelfde werkzaamheden bij dezelfde sector moeten zijn aangesloten, de sectoraansluiting bepaalt vervolgens de hoogte van de sectorpremie die werkgevers moeten betalen. In laatste instantie bepaalt de Belastingdienst in welke sector een organisatie moet zijn ingedeeld.

Premie

De WW-premie bestaat uit meerdere delen:
  • het Algemeen werkloosheidsfonds (WW-Awf);
  • het sectorfonds (sectorpremie);
  • de kinderopvang tot 2014 (0,34% opslag op de sectorpremie);
  • de ZW (opslag die zit verwerkt in de sectorpremie).
De hoogte van het werkgeversdeel van de sectorpremie is afhankelijk van het werkloosheidsrisico in betrokken bedrijfs- of beroepssector. Werkgevers van de sectoren agrarisch bedrijf, bouwbedrijf, culturele instellingen, horeca algemeen en schildersbedrijf betalen daarom een hogere premie. De percentages van de WW-premie worden Werknemersverzekeringen (premies) genoemd.

Werkgevers bij de overheid betalen de premie WW-Awf en sectorpremie niet. In plaats daarvan zijn zij de premie Uitvoeringsfonds voor de overheid (Ufo) verschuldigd. Op het loon van de werknemer houden zij de pseudopremie-WW in. Voor de loonbelasting/premie volksverzekeringen worden de Ufo-premie en de pseudopremies net zo behandeld als de premie WW.

De WW-premie wordt betaald tot een maximaal bedrag per maand.

Seizoensinvloeden

Het aantal WW-uitkeringen aan mannen is afhankelijk van seizoensinvloeden. In de wintermaanden stijgt het aantal mannen met een WW-uitkering tijdelijk. De tijdelijke stijging doet zich vooral voor bij mannen jonger dan 55 jaar. Het gaat in het bijzonder om kortlopende WW-uitkeringen die het UWV slechts voor enkele maanden verstrekt. Deze personen zijn werkzaam in sectoren waarin de werkgelegenheid afhankelijk is van de seizoenen, zoals de bouw, de land- en tuinbouw en de horeca.

Met ingang van 1 april 2009 betaalt UWV geen WW-uitkeringen meer aan werknemers vanwege vorst en andere extreme natuurlijke omstandigheden. In een aantal bedrijfstakken is in de CAO vastgelegd dat het bedrijfsrisico wordt beperkt tot één of meerdere dagen dan wel geheel wordt uitgesloten. Het is om die reden voor het UWV niet noodzakelijk om beleid te handhaven dat eenzelfde regeling inhoudt.

Individuele re-integratie-overeenkomst (IRO)

Vanaf midden juli 2004 hebben arbeidsgehandicapten en werklozen met een werkloosheidsuitkering de mogelijkheid een door henzelf voorgestelde route naar werk te doorlopen. Door het afsluiten van een IRO met het UWV krijgen zij de regie in handen over hun re-integratietraject (bijvoorbeeld stage, sollicitatietraining). Het doel van het doorlopen van een IRO, evenals in het gewone traject, is dat de cliënt werk vindt voor een periode van ten minste zes maanden.

Arbeidsadviseur

Deze functionaris geeft uitleg over re-integratie zodat mensen zelf de touwtjes steviger in handen kunnen nemen. De adviseur geeft advies over te nemen acties, welke regelingen er zijn en welke voorzieningen. Verder worden werkzoekenden op het spoor gezet van organisaties die kunnen helpen bij de re-integratie. Hoewel de arbeidsadviseur kantoor houdt bij UWV heeft hij of zij een onafhankelijke positie in de keten. Door de signaalfunctie van de arbeidsadviseur draagt deze bij aan het verbeteren van de 'ketendienstverlening'. Ook in het regionale overleg geeft de arbeidsadviseur signalen over gesignaleerde knelpunten in de dienstverlening.

Zie ook UWV.

Scholing

Het UWV bepaalt of scholing noodzakelijk is, deze moet arbeidsmarktrelevant* zijn. De scholing duurt maximaal één jaar voor de werkzoekenden met een WW-uitkering. UWV kan in individuele gevallen een scholing van een langere duur toestaan, doch niet meer dan twee jaar. Scholing kan er uiteraard voor zorgen dat een werkloze meer kansen op de arbeidsmarkt heeft, de scholing mag echter het vinden van passend werk niet blokkeren. (Bron: Staatscourant, 12 feb. 2014)

*Een voorbeeld van arbeidsmarktrelevantie: Werklozen leren met overheidsgeld tarotkaarten lezen. De stichting Paradidakt in Zoetermeer leert werklozen onder meer de fijne kneepjes van het tarot- en engelenkaarten leggen. Het UWV vergoedt al jarenlang opleidingen tot helderziende. Tientallen werkzoekenden worden op kosten van de belastingbetaler omgeschoold tot 'spiritueel belconsulent' of hypnotiseur. Het gaat om zo'n 1000 euro per persoon. (Bron: AD, 12 jun. 2015)

Gemiddelde daling sectorpremie WW in 2015

De gemiddelde sectorpremie, waarvan onder meer de WW-uitkering wordt betaald, neemt in 2015 af met 0,52 procent af tot 2,16 procent. Voor de meeste werkgevers (47 sectoren) daalt de sectorpremie en voor 14 sectoren stijgt deze. De gemiddelde daling is het gevolg van het beginnend herstel van de economische crisis. Het aantal uitkeringen daalt licht, waardoor de WW-lasten lager zijn. (Bron: Salarisnet, 28 okt. 2014)

Eures Jaarboek 2014 verschenen

In februari is het EURES jaarboek 2014 ‘Focus op Europese dienstverlening’ verschenen. Hierin leest u hoe EURES vraag en aanbod van personeel in Europa bij elkaar brengt, via onder meer 16 ‘best practices’. (Bron: UWV, 9 mrt. 2015)

Kamer twijfelt steeds meer over banenplan Asscher

De Kamer begint steeds meer te twijfelen over het banenplan van minister Asscher van Sociale Zaken. D66, tot nog toe voorstander, was tijdens een debat Asscher erg kritisch over de derde aanvraagperiode. Ook de VVD vroeg Asscher of er misschien niet betere alternatieven zijn. (Bron: AD, 25 juli. 2015)

Wetenschappers helpen bij bemiddelen naar werk

"Het is zo wezenlijk dat mensen die bij de gemeente of het UWV aan kloppen écht worden geholpen. Daar kan ook de wetenschap bij helpen, aldus mevrouw Klijnsma in het kader van het programma 'Vakkundig aan het Werk'. Dat programma stelt wetenschappers en gemeenten in de gelegenheid om onderzoek te doen naar de meest effectieve aanpak voor ondersteuning van mensen, waar het gaat om het vinden en behoud van werk en het tegengaan van armoede en problematische schulden. Het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) stelt voor dit programma, dat vier jaar loopt, in totaal tien miljoen euro beschikbaar. (Bron: Min. SZW, 11 nov. 2015)

Voor lagere werkloosheid is meer economische groei nodig

In de afgelopen twee jaar is de werkloosheid veel minder sterk gedaald dan tot nu toe gebruikelijk was na een recessie, schrijft De Nederlandsche Bank (DNB). Sinds het werkloosheids­percentage in februari 2014 piekte op 7,9 procent is de afname tot nu toe 1,4 procentpunt. De vorige keer dat de werkloosheid zo hoog was, in 1995, daalde de werkloosheid over dezelfde periode met 2,3 procentpunt.

Dat de daling nu langzamer gaat, komt volgens DNB niet door een groter aanbod van werkzoekenden, maar door het relatief trage herstel van de economische groei. De groei is volgens de bank nog maar net hoog genoeg voor een afnemende werkloosheid. Pas in 2017 zal de groei sterk genoeg aantrekken om de werkloosheid sneller te laten zakken.

Geen sociale bijdrage voor eerste werknemer(s) in België

België kent sinds 1 januari 2016 een quasi-volledige vrijstelling van sociale bijdragen voor een werkgever (patronale lasten) in geval van de aanwerving van een eerste werknemer. Verder zijn er belangrijke kortingen bij de aanwerving van de volgende vijf werknemers. Op deze wijze wil men 'nieuwe' werkgevers stimuleren om actief te worden op de Belgische markt en er personeel aan werven. (Bron: BDO, 27 mei 2016)

Red.: Een verfrissende regeling in plaats van de Nederlandse 'boete' regelingen: twee jaar loondoorbetaling bij ziekte, transitievergoeding, ketenbepalingen. Als je wilt veranderen moet je gedrag belonen en niet straffen, les één psychologie. Wat leert het kabinet van onze zuiderburen?

Bedrijf starten vanuit de WW is populair.

Werklozen kunnen vanuit de WW een eigen bedrijf starten. Dat kan met geheel of gedeeltelijk behoud van uw WW-uitkering. Er zijn 3 mogelijkheden:

  1. De werkloze maakt gebruik van de startperiode: hij ontvangt voor een vaste periode van 26 weken 29% minder WW-uitkering. Hiervoor is toestemming nodig van UWV. Tijdens de startperiode mag hij alle uren aan het eigen bedrijf besteden.
  2. Iemand krijgt minder WW-uitkering: de uitkering wordt stopgezet voor het aantal uren dat hij als zelfstandige gaat werken. De uitkering gaat dan definitief omlaag. Hij geeft aan UWV door hoeveel uren hij aan bedrijf besteedt.
  3. De WW-uitkering wordt geheel gestopt. De persoon gaat volledig verder als zelfstandige en ontvangt geen WW-uitkering meer. Ook dit moet hij aan het UWV doorgeven..

Belangrijk is dat er een ondernemersplan is. Dit plan moet passen in de sector waar de werklozen zijn bedrijf wil uitoefenen. Enige kennis van de markt en een financieel plan zijn daarbij vereisten, mogelijk dat bijvoorbeeld vrienden en kennissen maar ook de Kamer van Koophandel hierbij van dienst kunnen zijn.

Het blijkt ruim tweederde van de personen die vanuit de WW starten als ondernemer is na drie jaar nog steeds op deze manier aan het werk. Hun gemiddelde inkomen is vergelijkbaar met het loon van voor hun werkloosheid. Jaarlijks stijgt het aantal starters met een uitkering. In 2015 waren dat er bijna 14 duizend op een totaal van ruim 253 duizend die vanuit de WW aan de slag gingen. Het merendeel is 50-plus en man. (Bronnen: UWV, Volkskrant en Ondernemersplein)

Regeringsbeleid afgelopen jaren kostbaar en veroorzaakte onnodig veel werkloosheid

ING betoogde in een rapport dat het begrotingsbeleid onnodig kostbaar was en daarmee onnodig veel werkloosheid heeft veroorzaakt. Een aantal economen brandde ING direct af en ook minister Dijsselbloem reageerde fel.

Het CPB ondersteunde voornoemde stelling van ING. Het CPB schat dat er ongeveer 5,2% minder werkgelegenheid is gecreëerd vanwege het gevoerde regeringsbeleid sinds 2011. Dit is ongeveer gelijk aan de afname van de groei van het bbp gedurende diezelfde periode. De afname van de werkgelegenheid komt overeen met zo’n 365.000 voltijdsbanen. Van die 5,2% geschatte daling van werkgelegenheid kan 2,2% op conto worden geschreven van het beleid tijdens Rutte 2, gelijk aan ongeveer 155.00 minder banen. (Bron: VVP, 17 sep. 2016)

Te weinig hulp van UWV en gemeenten voor werklozen

Werkzoekenden worden vaak niet goed geholpen door gemeenten en het UWV in hun zoektocht naar een nieuwe baan, blijkt uit een onderzoek van de inspectie SZW (Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid). Gemeenten helpen en stimuleren mensen met een uitkering maar nauwelijks bij het zoeken naar werk, terwijl ze daar 25 jaar geleden al opdracht toe kregen. Zo meldt Trouw, die het onderzoeksrapport van de inspectie SZW al heeft ingezien.

Ook de samenwerking tussen het UWV en gemeenten verloopt moeizaam. Samenwerking tussen regio’s had al 25 jaar moeten gebeuren, maar gebeurt in de praktijk pas sinds 3 jaar, volgens de inspectie: “Er is een bijna permanente cyclus van afstemming en overleg. Er zijn veelvuldige discussies over structuren en er worden steeds nieuwe werkgroepen ingesteld.” De inspectie geeft verder aan dat ook aanbevelingen voor betere dienstverlening aan werkgevers vaak op de plank blijven liggen. Ook wordt nog geen 20 procent van werkgevers bereikt en is de kennis van werknemers bij UWV en gemeenten over het oplossen van arbeidsvraagstukken ondermaats.

Minister Lodewijk Asscher (Sociale Zaken) zegt in Trouw dat de koppeling van werkzoekende en werkgever in de regio’s verbeterd moeten worden. Volgens de minister hebben de betrokken partijen gezegd “een kwaliteitsslag” te willen maken. Daarnaast vindt hij ook dat nieuwe plannen die zijn ingevoerd, zoals de Participatiewet, ervoor zorgen dat samenwerking tussen instanties die met uitkeringen te maken hebben verbetert. (Bron: Nu, 6 jan. 2017)

Werklozen toch aan de slag in de kassen

In 2016 vonden 130 stedelingen een baan nadat ze door de sociale dienst waren aangespoord te solliciteren in de tuinbouw. Eerder was dit op een mislukking uitgelopen. Veel Rotterdammers zitten zonder baan, terwijl in de tuinbouw een tekort aan arbeidskrachten is. Het probleem was alleen de uitvoering.

In de oude situatie werden bussen vol werklozen naar het Westland gereden. De meesten haakten al snel af, bijvoorbeeld omdat ze het werk te zwaar vonden, of niet wisten hoe ze op hun werk moesten komen. In de nieuwe situatie zoekt de sociale dienst eerst in de kaartenbak naar potentiële matches. Gegevens van werklozen worden eerst doorgestuurd naar een uitzendbureau, dat de juiste werkgever zoekt bij de juiste sollicitant. Je kunt wel iemand met fysieke beperkingen uitnodigen, maar dan weet je dat het geen succes wordt.






Veldwerk Uitzendbureau is een van de uitzendbureaus die namens de gemeente Rotterdam werklozen bij tuinbouwbedrijven detacheren. Veldwerk verklaart mede het succes uit de dienstverlening: “Wij regelen het vervoer naar de kassen en nemen tuinders het papierwerk uit handen. Een bijstandsgerechtigde in dienst nemen brengt een hoop administratie met zich mee. Daar zitten tuinders niet op te wachten.” (Bronnen: AD en Flex Nieuws, 21 jan. 2017)

Gegijzeld door het UWV

Betuttelend. Kafkaesk. Nederland op zijn smalst. Werkzoekenden klagen steen en been over nieuwe WW-regels waardoor zij, ook na het vinden van een nieuwe baan, “vast blijven zitten” aan het UWV.

Sinds 1 juli 2015 past het UWV een nieuwe vorm van zogeheten ‘inkomstenverrekening’ toe. De uitkeringsinstantie berekent of iemand bij het vinden van een nieuwe baan meer of minder verdient dan 87,5% van het WW-maandloon, dat weer gebaseerd is op iemands laatste salaris. Wie onder deze grens blijft steken heeft recht op een aanvullende uitkering. Doel van de regeling is om werkzoekenden te prikkelen weer aan het werk te gaan, ook als ze een baan kunnen krijgen met een lager salaris.

Met de aanvullende uitkering blijven mensen als werkzoekende geregistreerd en behouden ze ook een sollicitatieplicht. De uitkering stopzetten kan wel, maar de WW-rechten lopen gewoon door. Gevolg: raakt iemand in de nabije toekomst weer werkloos, dan valt hij sneller terug in de bijstand. (Bron: Economie EenVandaag, 1 mei 2017)

Asscher past WW aan voor werknemers die weer een baan hebben

Demissionair minister van Sociale Zaken Lodewijk Asscher werkt aan een wetswijziging, zodat werknemers hun aanvullende WW-uitkering kunnen stopzetten nadat zij weer een baan hebben gevonden. Dat laat het ministerie van Sociale Zaken maandag weten na berichtgeving van EenVandaag.

Werkzoekenden die na een WW-uitkering weer werk hebben gevonden maar minder verdienen dan in hun laatste baan, krijgen een aanvullende uitkering. Sinds 1 juli 2015 wordt het inkomen dat lager is dan 87,5 procent van het WW-maandloon, aangevuld met de WW-uitkering.

Het nadeel van de huidige situatie is, dat een werknemer, die weer een baan heeft gevonden, zijn WW-rechten verliest. Tegelijkertijd moet hij nog vier keer per maand solliciteren. In de plannen van Asscher kunnen werkzoekenden hun uitkering stopzetten, zodat zij hun rechten behouden en worden ontzien wat betreft de plichten. (Bron: NU.nl en About HRM, 2 mei 2017)

Overzicht werkloosheid anno 2016

In 2016 is 6 procent van de Nederlandse beroepsbevolking werkloos. Zij hebben geen werk maar zijn wel op zoek naar werk en beschikbaar voor werk. Het hoogst is de werkloosheid onder jongeren van 15 tot 25 jaar: bijna 11 procent van deze jongeren is werkloos. De werkloosheid is ook relatief hoog onder ouderen van 55 tot 65 jaar: van hen is ruim 7 procent werkloos.

Vooral de langdurige werkloosheid (een jaar of langer) nam sterk toe. Het aantal werklozen neemt af sinds 2014. Hoewel het aantal langdurig werklozen het laatste jaar afnam met 43 duizend personen, was deze groep werklozen in 2016 nog ruim twee keer zo groot als in 2008 (216 duizend tegen 95 duizend). (Bron: CBS, Trends 2916)

Aanpak misbruik WW blijft uit

Jaarlijks betaalt UWV waarschijnlijk vele miljoenen aan ongerechtvaardigde WW-uitkeringen uit. Hoewel er wel degelijk mogelijkheden zijn om dit terug te dringen, worden in het regeerakkoord 2017 geen adequate plannen hiervoor gepresenteerd.

Er zijn twee vormen van oneigenlijk gebruik van WW:

  • Beëindigingen op initiatief van werknemers die in een ‘WW-vriendelijke’ vaststellingsovereenkomst worden uitgewerkt. Daarin wordt dan ten onrechte verklaard dat het initiatief van werkgever komt.
  • Misbruik maken van de WW door omzeiling van de (fictieve) opzegtermijn, gedurende welke geen aanspraak bestaat op WW. Partijen doen dit door het antidateren van de vaststellingsovereenkomst.

(Bron: Rechtblog, 13 okt. 2017)

Persoonlijk werkplan heeft positieve effecten voor WW’ers

Een persoonlijk werkplan voor WW’ers leidt tot meer en beter sollicitatiegedrag. UWV onderzoekt in het nieuwste Kennisverslag hoe gedragswetenschappelijke inzichten toegepast kunnen worden om WW’ers richting werk te helpen.

Het ervaren van autonomie, het hebben van heldere doelen en het ontvangen van feedback zijn belangrijke componenten van motivatie en werkzoekgedrag. UWV biedt daarom vanaf mei 2017 het persoonlijke werkplan aan. Dit werkplan is eerst getest met een praktijkexperiment. WW’ers kregen een uitnodiging om een werkplan op te stellen, waarin zij hun eigen doelen vastleggen en concrete acties formuleren. Een controlegroep kreeg deze uitnodiging niet. (Bron: UWV, 8 feb. 2018)

AWVN lanceert Nationale voorbeeldenbank inclusief werkgeven

In aanwezigheid van Van Ark, staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, lanceerde werkgeversvereniging AWVN  op de Dag van de Duizend Voorbeelden (29 maart 2018) de Nationale voorbeeldenbank inclusief werkgeven.

Deze voorbeeldenbank is bedoeld voor werkgevers die werkzoekenden met een afstand tot de arbeidsmarkt een kans willen bieden en inspiratie zoeken van collega-werkgevers in hun regio of sector. AWVN houdt al langere tijd bij, welke organisaties ruimte maken voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. De voorbeeldenbank, een online, gemakkelijk doorzoekbare database, bevat nu al 200 inclusieve werkgevers en daar komen er vóór de zomer nog eens ruim 200 bij. Daarna laat AWVN de voorbeeldenbank verder groeien.

Deze voorbeeldenbank is de eerste database die alle inclusieve organisaties in Nederland samenbrengt. (Bron: AWVN, 29 mrt. 2018)

Gemiddeld 28 procent Ww’ers zonder startkwalificatie

Van iedereen die in Nederland een Ww-uitkering ontvangt van het UWV, heeft gemiddeld ongeveer 28 procent geen startkwalificatie, laat het UWV weten (september 2018). Meeste Ww’ers zonder startkwalificatie1 in en rond Rotterdam.

Een startkwalificatie is in de ogen van de Nederlandse overheid het minimale onderwijsniveau dat nodig is om serieus kans te maken op duurzaam geschoold werk in Nederland. Jongeren tot 23 jaar, zonder een afgeronde opleiding die geldt als startkwalificatie, worden als voortijdig schoolverlater gekenmerkt. Het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap heeft als doelstelling de schoolverlaters zonder startkwalificatie terug te krijgen in de schoolbanken om (jeugd)werkloosheid tegen te gaan. (Bron: Wikipedia)

Kabinet gaat arbeidsongeschikten gebruiken als proefkonijn in experiment

Vakbond CNV maakt zich grote zorgen om een onderzoek naar de dienstverlening van uitkeringsinstantie UWV. Het kabinet is van plan om een groep van zesduizend mensen die arbeidsongeschikt raken niet te helpen met het zoeken naar werk. CNV spreekt van een grootschalig experiment en wil dat de Tweede Kamer ingrijpt.

De mensen die niet worden geholpen, maken deel uit van de controlegroep in het onderzoek. Twee andere groepen van zesduizend mensen krijgen wel reguliere of zelfs intensieve begeleiding, blijkt uit een brief van minister Koolmees aan de Tweede Kamer (april 2019).



Ga terug naar rubriek Werkloosheid.


Gerelateerde artikelen en/of partner bijdragen:
Gerelateerd nieuws en/of opinies:


 Werkloosheid (cijfers)    Werkloosheid (passende arbeid)