Volledig arbeidsongeschikt met kans op herstel    WGA eigen risico 


Wet WIA (inleiding)

Datum laatste wijziging: 20 december 2018  |  Trefwoorden: Wet Werk en Inkomen naar Arbeidsvermogen, WIA, UWV, WGA, WIA-uitkering

Inhoud

  1. Korte inhoud WIA
  2. WIA-beoordeling UWV
  3. Vier groepen
  4. Burgerlijk Wetboek
  5. Kritiek Internationale Arbeidsorganisatie (ILO)
  6. Cijfers
  7. Aanvullen loon
  8. Verhalen WGA-premie
  9. Evaluatie WIA
  10. Aanbevelingen SER om chronisch zieken aan het werk te houden
  11. Communicatie over WIA-aanvraag
  12. Wijziging WGA vanaf januari 2017
  13. Afspraken Marokko en Nederland veranderd
  14. Geen ontslag voor zieke werknemer die niet heeft gewerkt
  15. Geschikt voor de arbeidsmarkt
  16. Wijziging Wet WIA doorgeschoven
  17. Flexwerkers niet de grootste WIA-vervuilers
  18. Nieuw instrument helpt begeleidingsnoodzaak arbeidsparticipatie te bepalen
  19. Bezuinigingen WIA van tafel

Korte inhoud WIA

Alle werknemers die op of na 1 januari 2004 ziek zijn geworden en geen WAO-uitkering hebben, krijgen te maken met de Wet Werk en Inkomen naar Arbeidsvermogen (WIA) die met ingang van 1 januari 2006 van kracht is geworden. De WIA kent net als de WAO een wachttijd van 104 weken. Deze wachttijd kan in bepaalde gevallen ook langer zijn. Het van werken terugvallen op de WIA, wat een aanzienlijk lager salaris oplevert, noemt men het WIA-hiaat.

WIA-beoordeling UWV

Het UWV kent een drietal beoordelingen:
  1. poortwachterstoets: hebben werkgever en werknemer zich in de eerste twee voorafgaande jaren voldoende ingespannen om de re-integratie* te laten slagen;
  2. medische beoordeling: is er sprake van arbeidsongeschiktheid als gevolg van een ziekte, wat is de ernst van de ziekte en wat zijn de functionele beperkingen als gevolg van de ziekte;
  3. arbeidskundige beoordeling: welke functies kan de werknemer nog verrichten rekening houdend met de beperkingen en tegen welk salaris, de zogeheten restverdiencapaciteit.
* Vanaf mei 2015 kan de werkgever het re-integratieverslag voor de WIA-aanvraag van de werknemer online bij het werkgeversportaal UWV inleveren.

Vier groepen

De WIA maakt verschil tussen vier groepen, die in andere subrubrieken worden besproken:
  1. werknemers met een loonverlies van minder dan 35%: geen WIA-uitkering en de werknemer blijft in dienst;
  2. werknemers met een loonverlies van ten minste 35% maar minder dan 80%: WGA-uitkering;
  3. werknemers met een loonverlies van ten minste 80% met een meer dan geringe kans op herstel: WGA-uitkering;
  4. werknemers met een loonverlies van ten minste 80% zonder of met slechts een geringe kans op herstel: IVA-uitkering.

Burgerlijk Wetboek

In tegenstelling tot de WIA kent het Burgerlijk Wetboek geen gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid. Dit betekent dat ook een gedeeltelijk arbeidsongeschikte werknemer formeel arbeidsongeschikt blijft tot hij zodanig hersteld is om zijn werk volledig te hervatten.

Consequentie van het voornoemde is dat ook de werknemer die deels arbeidsgeschikt is juridisch gezien recht heeft op doorbetaling van niet meer dan 70% van zijn salaris. In de praktijk zal bij CAO of huishoudelijk reglement deze werknemer vaak meer dan 70% loon ontvangen.

Kritiek Internationale Arbeidsorganisatie (ILO)

De Internationale Arbeidsorganisatie (ILO) heeft felle kritiek op de WIA, de Wet Werk en Inkomen naar Arbeidsvermogen. De ILO vindt de uitvoering van de WIA voor gedeeltelijk arbeidsongeschikte werknemers in strijd met het door Nederland geratificeerde ILO-verdrag 121. De vakcentrale FNV vroeg in 2006 al om een beoordeling van de WIA door de ILO. De FNV verwacht dat het kabinet de WIA naar aanleiding van de kritiek aanpast (zie onder NB).

De ILO oordeelt dat de drempel om in de WIA te komen in strijd is met ILO-verdrag 121. Werknemers die minder dan 35% arbeidsongeschikt zijn, krijgen nu geen WIA-uitkering. Die grens ligt volgens de ILO te hoog en moet naar beneden. Op dit moment krijgt bijna de helft van de mensen die gekeurd worden door deze veel te hoge drempel geen WIA-uitkering.

De WGA-vervolguitkering, onderdeel van de WIA, is zo laag dat gedeeltelijk arbeidsongeschikten die onvrijwillig werkloos zijn, beneden het bestaansminimum uitkomen. Dat het kabinet dat ‘repareert’ met een toeslag is volgens de ILO onvoldoende om aan het verdrag te voldoen. De hoogte van die uitkering moet worden afgeleid van het laatstverdiende loon en niet zoals nu, van het minimumloon. De WGA-vervolguitkering mag ook niet afhankelijk worden gemaakt van het zoeken naar, en accepteren van werk. (Bron: FNV Bondgenoten, 7 mrt 2011)

NB: De Internationale Arbeidsorganisatie (ILO) is een van de internationale verdragen die door Nederland zijn ondertekend. Dit houdt in dat Nederland de wetgeving (in dit geval inzake de WIA) moet aanpassen, zie subrubriek Hiërarchie wetgeving.

Cijfers

De jaarlijkse instroom in de WIA ontwikkelde zich van 21.000 in 2006 naar 29.000 in 2009. In ruimer historisch perspectief is dit cijfer laag te noemen: men vergelijke dit met de vroegere WAO-instroom, die in de piekjaren 2000/2001 rond de 100.000 per jaar bedroeg. De invoering van de WIA is samengegaan met een veel lagere instroom in de arbeidsongeschiktheidsregeling.

In 2009 zijn 29.500 WIA-uitkeringen toegekend, terwijl in de begroting voor 2009 26.500 uitkeringen waren geraamd (in 2007 werd 'slechts' aan 22.400 mensen een WIA-uitkering toegekend en in 2008 aan 23.900). Hoeveel de tegenvaller kost, kon de woordvoerster va het UWV niet zeggen. Daarvoor is volgens haar juist het onderzoek nodig. Zij wees erop dat de hoogte en de duur van de uitkeringen verschillen, omdat het vaak gaat om inkomensondersteuning aan deels arbeidsongeschikten. Hun uitkering hangt af van de mate waarin ze zijn afgekeurd en de herstelmogelijkheden. Ook is nog onduidelijk waarom een groter beroep op de WIA wordt gedaan dan verwacht. Daarom wordt onderzocht of bijvoorbeeld mensen met een bepaalde aandoening vaker instromen, of ze uit bepaalde sectoren komen en of er verschillen zijn tussen hoge en lage inkomens.

Aanvullen loon

Bedrijven en instellingen kunnen het loon van werknemers die door ziekte gedeeltelijk uitvallen vanaf 2007 maximaal 10 jaar lang zelf aanvullen. Na deze periode betaalt de overheid de aanvulling voor het deel dat de medewerkers niet meer kunnen werken. Werkgevers kunnen het risico voor de laatste groep afdekken bij de UWV, of zich wenden tot een commerciële verzekeraar dan wel het risico zelf dragen, zie ook subrubriek Verzekeren tegen arbeidsongeschiktheid.

Verhalen WGA-premie

Vanaf 2006 mogen werkgevers maximaal 50% van de WGA-premie verhalen op de werknemer. De fiscus heeft expliciet gesteld dat de werkgever moet verhalen op het netto loon, zie subrubriek Verzekeren tegen arbeidsongeschiktheid.

Evaluatie WIA

Bij de invoering van de WIA (2006) is toegezegd dat het parlement binnen 5 jaar een verslag zou krijgen van de doeltreffendheid en de effecten van deze wet in de praktijk. Het rapport van SZW van 17 januari 2011 evalueerde het functioneren van de WIA. Enkele aanbevelingen:
  1. de minimumpremie die grote werkgevers zonder WGA instroom aan de Belastingdienst betalen wordt meer realistisch (hoger);
  2. bij WGA instroom volgt een meer geleidelijke stijging van de gedifferentieerde WGA premie;
  3. meer transparantie in re-integratiedienstverlening private verzekeraars;
  4. de aanvraagtermijn voor het eigen risicodragerschap wordt mogelijk uitgebreid en de uittreedmogelijkheid beperkt tot eenmaal per jaar.
Meer over de inhoud van het lijvige rapport is te vinden op de site van SZW.

Aanbevelingen SER om chronisch zieken aan het werk te houden

Het aantal mensen met een chronische ziekte stijgt de komende jaren verder. Van 5,3 miljoen mensen in 2011 naar 7 miljoen in 2030. Nu al heeft ongeveer 1 op de 5 mensen in de beroepsbevolking één of meer chronische ziekten. Dat zal de komende jaren toenemen, mede doordat steeds meer mensen langer doorwerken. Om chronisch zieken aan het werk te houden doet de Sociaal Economische Raad (SER) aanbevelingen om de ondersteuning te verbeteren en meer te doen aan preventie.

De aanbevelingen zijn binnen de werksituatie vooral gericht op de werkende zelf, de werkgever en de bedrijfsarts. Maar ook de sociale partners, arbeidsgerelateerde en reguliere zorg, kenniscentra, patiëntenverenigingen, uitvoeringsorganisaties en het kabinet zijn aan zet met deze aanbevelingen aldus de SER (11 mrt. 2016).

Communicatie over WIA-aanvraag

Het UWV doet er veel aan om de ingewikkelde en tijdrovende procedures duidelijk te communiceren. Een opmerkelijke passage: 'Online aanleveren re-integratieverslag. U (werkgever) levert zelf het re-integratieverslag online bij ons aan. U doet dit op uwv.nl/RIVuploaden. Het formulier Medische informatie mag u niet aanleveren, maar moet de werknemer zelf naar ons toesturen per post. Wil uw werknemer niet dat u het re-integratieverslag online aanlevert? Dan stuurt hij zelf het volledige verslag per post naar ons toe. Hij gebruikt hiervoor de kopieën van de formulieren die hij van u en uw arbodienst heeft gekregen. Vraagt uw werknemer de uitkering te laat aan? Dan moet u misschien een langere periode het loon doorbetalen.' (Bron: UWV)

Wijziging WGA vanaf januari 2017

Vanaf 1 januari 2017 wijzigt de Werkhervattingsregeling gedeeltelijk arbeidsgeschikten (WGA). Deze wijziging is onderdeel van de Wet Werk en Inkomen naar arbeidsvermogen (WIA) en regelt het recht op een uitkering voor werknemers die langer dan twee jaar ziek zijn, maar in de toekomst nog (gedeeltelijk) kunnen werken. Vanaf januari 2017 geldt deze regeling ook voor werknemers met een tijdelijk contract.

Afspraken Marokko en Nederland veranderd

Nederland en Marokko hebben de afspraken over de hoogte van de WGA-vervolguitkering en de toeslag aangepast. Voor personen die voor 1 oktober 2016 in Marokko zijn gaan wonen en die een WGA-vervolguitkering hebben, verandert er op dit moment niets. Heeft de persoon daarbij een toeslag van UWV? Dan verandert de hoogte daarvan mogelijk wel als er iets in het inkomen of de situatie verandert. Bijvoorbeeld als de persoon, of de partner ervan, gaat werken. Dan gaat de toeslag omlaag.

Heeft de persoon een WGA-uitkering die na 1 oktober 2016 is gewijzigd in een WGA-vervolguitkering? Dan wordt de uitkering verlaagd, omdat het leven in Marokko goedkoper is dan in Nederland. De uitkering wordt 10% lager dan de uitkering die hij zou krijgen als hij in Nederland zou wonen. (UWV, 16 feb. 2017)

Geen ontslag voor zieke werknemer die niet heeft gewerkt

De eigenaresse van een eenmanszaak neemt een bekende in dienst als verkoper op een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd, zonder proeftijd. Helaas gaat het meteen mis, de werknemer werkt nog geen dag en blijkt dan ziek te zijn. Onduidelijk blijft of hij al ziek was voordat hij in dienst trad. De ziekte van de werknemer zet de onderlinge verhouding onder druk en de werkgeefster vraagt om ontbinding van de arbeidsovereenkomst op grond van verwijtbaar handelen of nalaten van de werknemer dan wel een verstoorde arbeidsverhouding. Ze doet daarbij ook een beroep op de h-grond omdat ze de financiële gevolgen van de ziekmelding – de loondoorbetalingsverplichting – niet langer kan dragen.

Alle argumenten van de werkgeefster ten spijt - inclusief de dreiging van faillissement - wijst de kantonrechter op 16 februari 2017 op basis van de wet het ontbindingsverzoek af.

Red.: Eigenlijk een vreemd geval, bij faillissement verliest werkgeefster haar inkomsten en de werknemer mist de doorbetaling van het loon. Twee verliezers dus.

Geschikt voor de arbeidsmarkt

In Nederland zitten momenteel ongeveer 550.000 mensen in de arbeidsongeschiktheidsregelingen Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (WIA) en de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO). Het aantal mensen met een WAO-uitkering neemt de komende jaren af omdat de regeling in 2006 is vervangen door de WIA. Tegelijkertijd neemt het aantal WIA-gerechtigden toe. Naar verwachting blijft het totaal aantal arbeidsongeschikten de komende jaren gelijk.

Gedeeltelijk arbeidsongeschikten kunnen vaker werken dan ze nu doen, zo blijkt uit het onderzoek 'Geschikt voor de Arbeidsmarkt'. Bij met name de gedeeltelijk arbeidsongeschikten met relatief veel of juist weinig arbeidsvermogen kan de arbeidsparticipatie nog worden verhoogd, concluderen de ambtenaren. Dat geldt ook voor mensen die vanuit de Ziektewet instromen.

(Bron en meer: Tweede Kamer, 24 apr. 2017)

Wijziging Wet WIA doorgeschoven

Demissionair minister Asscher: "In mijn brief van 22 december 2016 over loondoorbetaling bij ziekte kondigde ik maatregelen aan om de door werkgevers geconstateerde knelpunten bij de re-integratie van zieke werknemers in het tweede spoor te verminderen. Deze maatregel heb ik uitgewerkt in een wetsvoorstel dat op 9 maart 2017 voor internetconsultatie is aangeboden. De internetconsultatie is inmiddels afgerond. Vanwege de demissionaire status van het kabinet acht ik het echter niet passend om op dit moment vervolgstappen op dit dossier te zetten.

Werkgevers die zich voor de WGA publiek verzekerd hebben kunnen aan UWV een tussentijds oordeel op de re-integratie activiteiten in het tweede ziektejaar vragen." (Bron en volledige tekst, VVP, 11 jun. 2017)

Flexwerkers niet de grootste WIA-vervuilers

Volgens recente cijfers van het UWV komen flexwerkers 1,5 keer vaker terecht in de WGA dan mensen met een vast contract. Dit zou komen omdat er een relatie met de werkgever ontbreekt. Volgens Acture, de grootste private uitvoerder van de sociale zekerheid, is dit niet waar.

'Onze cijfers bewijzen dat je als private uitvoerder van de Ziektewet wel degelijk de werkgeversrol kunt uitvoeren en op ‘gelijk niveau' kunt uitkomen als bij werknemers met een vast contract. De sleutel ligt bij actieve begeleiding tot aan herstel, zoals inzet van jobcoaches die mensen ondersteunen om werk te vinden. Met een gerichte aanpak op ieder moment van de twee jaar Ziektewet breng je de instroom van flexwerkers op hetzelfde niveau als die van werknemers met een vast contract.' (Bron: VVP, 5 okt. 2017)

Nieuw instrument helpt begeleidingsnoodzaak arbeidsparticipatie te bepalen

Professionals als arbeidsdeskundigen, jobcoaches, klantmanagers van gemeenten, consulenten en psychologen zijn enthousiast over de handreiking ‘Noodzakelijke begeleiding bij arbeidsparticipatie’. Met dit hulpmiddel kunnen professionals vaststellen wat er nodig is om mensen met een ziekte of beperking aan het werk te helpen en te houden bij een gewone werkgever. De handreiking toont in 1 oogopslag op welke aspecten begeleiding en/of werkaanpassing nodig is. Dit blijkt uit het nieuwste UWV Kennisverslag waarin UWV onderzoek doet naar de ontwikkeling van dit hulpmiddel.

UWV publiceert iedere maand een Kennisverslag van een van de kennisadviseurs van UWV. Geďnteresseerden worden via een e-mail alert direct op de hoogte gebracht van de nieuwe publicatie. (Bron: UWV, 4 okt. 2018)

Bezuinigingen WIA 2019 van tafel 

Het kabinet ziet af van de geplande bezuiniging op de arbeidsongeschiktheidswet, de WIA. Werkgevers en werknemers gaan zich inzetten voor een snelle terugkeer op de werkvloer van zieke werknemers. Minister Koolmees heeft dit afgesproken met de werknemers- en werkgeversorganisaties.

In het regeerakkoord is een aantal maatregelen opgenomen op het gebied van de WIA en de loondoorbetaling. Doel is dat mensen sneller weer aan de slag gaan en om de verplichtingen rond de ziekte- en arbeidsongeschiktheidsregelingen voor kleine ondernemers te verlichten. Deze maatregelen hadden echter weinig draagvlak onder werkgevers en werknemers. De Tweede Kamer heeft minister Koolmees daarom dit najaar de ruimte gegeven om niet alleen voor de loondoorbetaling, maar ook op de WIA naar alternatieven te zoeken. (Bron: Min. SZW, 20 dec. 2018)
 

Ga terug naar Wet Werk en Inkomen naar Arbeidsvermogen (WIA).


Gerelateerde artikelen en/of partner bijdragen:
Gerelateerd nieuws en/of opinies:


 Volledig arbeidsongeschikt met kans op herstel    WGA eigen risico