Inkomens publieke en semipublieke sector (tabellen)    Kennismigranten (tabellen) 


IOAW en IOAZ (tabellen)

Datum laatste wijziging: 21 december 2018  |  Trefwoorden: Tabel, IOAW, IOW, IOAZ, Uitkering, Participatiewet, 2018, 2019

1 januari 2019 en 1 juli 2019

Sinds 1 juli 2015 is de kostendelersnorm in de IOAW en IOAZ voor kostendelende alleenstaanden en alleenstaande ouders stapsgewijs ingevoerd. De norm wordt per 1 januari 2019 vastgesteld op 50 procent van de gehuwdennorm. De invoering van de kostendelersnorm in de IOAW en de IOAZ is hiermee afgerond.

Gehuwden/samenwonenden (beide partners 21 jaar of ouder)
Per maand € 1.535,12
Vakantie-uitkering €    122,80
Totaal € 1.657,92
Alleenstaanden en alleenstaande ouders zonder meerderjarige medebewoners 
Per maand € 1.195,54
Vakantie-uitkering €      95,64
Totaal € 1.291,18
Alleenstaanden en alleenstaande ouders met een of meer meerderjarige medebewoners (kostendelersnorm)
Per maand € 767,56
Vakantie-uitkering €    61,41
Totaal €  828,97


In tegenstelling tot de bijstand wordt bij de IOAW geen rekening gehouden met het eigen vermogen. Bij de IOAW wordt wel rekening gehouden met andere inkomsten. Bij de IOAZ wordt rekening gehouden met andere inkomsten en het eigen vermogen. Van het vermogen dat iemand meer heeft dan € 134.521,- wordt jaarlijks drie procent verrekend met de uitkering.

Voor mensen die een IOAZ-uitkering krijgen en een pensioentekort hebben, geldt dat zij tot maximaal € 126.970,- voor aanvullende pensioenvoorzieningen mogen hebben zonder dat dit met hun uitkering wordt verrekend.


1 januari 2018 en 1 juli 2018 / Netto bedragen

 
1 januari 2018 1 juli 2018
IOAW
Netto bedragen genoemd in artikel 5 van de IOAW voor:
- De werkloze werknemer en de echtgenoot, beiden 21 jaar of ouder (derde lid, onderdeel a)
- De alleenstaande werkloze werknemer, die met ιιn of meer meerderjarige personen zijn hoofdverblijf heeft, in afwijking van artikel 5, derde lid, onderdeel b (artikel 63e, eerste lid)
- De alleenstaande werkloze werknemer van 23 jaar of ouder  (vierde lid)
 

€ 708,66


€ 779,53


€ 992,12

 

€ 711,83


€ 783,01


€ 996,56
 
IOAZ
Netto bedragen genoemd in artikel 5, vierde lid van de IOAZ voor:
- De gewezen zelfstandige en de echtgenoot (onderdeel a)
- De alleenstaande gewezen zelfstandige (onderdeel b)
- De alleenstaande gewezen zelfstandige, die met ιιn of meer meerderjarige personen zijn hoofdverblijf heeft, in afwijking van artikel 5, derde lid, onderdeel b (artikel 63b, eerste lid)
 


€ 708,66
€ 992,12
€ 779,53 

 


€ 711,83
€ 996,56
€ 783,01

 
 

Ga terug naar Uitkeringen oudere werklozen IOAW en IOAZ.


Gerelateerde artikelen en/of partner bijdragen:
Gerelateerd nieuws en/of opinies:


 Inkomens publieke en semipublieke sector (tabellen)    Kennismigranten (tabellen)