Meer indirecten en arbeidsinactieven aan de slag

Opinie  |  di 3 feb 2026  |  Bron: HR-kiosk & Annemarie van Gaal  |  Auteur: Andries Bongers  |  Trefwoorden: , , , ,

Annemarie van Gaal

Een maand geleden opperde Annemarie van Gaal het idee om meer inactieven aan werk te zetten.
Dat leverde haar veel kritiek op, van vooral mensen, die haar boodschap niet hebben begrepen of niet wilden begrijpen.
Annemarie wilde meer mensen bij het arbeidsproces betrekken door de omstandigheden aan te passen, waardoor het voor velen toch aantrekkelijk kan worden om een (extra) bijdrage te kunnen leveren en wellicht ook extra inkomsten te genereren.

Arbeidsdeelname aantrekkelijker maken

Niet gedwongen, alhoewel, voor een aantal mensen, "een duwtje in de rug" geen kwaad zou kunnen. Maar laten we het houden op gewoon de financiële voorwaarden aantrekkelijk te maken voor zowel de werknemer als de werkgever.
En in een uiterst geval misschien wel de voorwaarden juist versoberen. 
Maar ook de arbeidsomstandigheden aantrekkelijker te maken c.q. naar behoefte aan te passen.

Onderstaand  wil ik eerst een overzicht van en inzicht geven in de arbeidsinactieven.

Omdat deze gegevens regelmatig veranderen, zijn de getallen globaal, maar geven wel een indruk van de situatie.

Laten we eerst vaststellen wat wij onder arbeidsinactieven verstaan:
Dat zijn mensen tussen de 18 en 67 jaar, die niet of minder dan 40 uur per week aan het arbeidsproces deelnemen.

Totaal aantal arbeidsinactieven

Arbeidsinactief Aantallen 2025 Aantallen 2020 Percentage 2025 Toelichting
Bijstand 344.000 347.800 3,36% Tot AOW
Wajong 250.000 2,44% Gemiddeld over 10 jaar 245.000
WIA sinds 2006 450.000 4,39% Hier zijn de oude WAO niet meegerekend
IVA 181.000 2,66% Voor 100% afgekeurd en niet meer inzetbaar
WAO 139.400 1,36% Nog lopende gevallen (in 2006 opgehouden)
WGA 272.000 2,62% Niet 100% afgekeurd en mogelijk nog inzetbaar
WW 195.400 204.000 1,91% Werknemers die een WW-uitkering genieten
Deeltijd 4.787.000 4.325.000 46,75% < 35 uur per week (2023 3.968.000 = minstens 12,5%
Deeltijd percentage beroepsbevolking 5,84%
Ziekteverzuim 4,40% 5,50% Horeca 3,2%, Onderwijs 5,6%
Statushouders 65.000 0,63%
Ouderen Tussen 65 en 70 jaar niet meegeteld
Totaal arbeidsverlies 29,87% Uitgaande van maximale inzet
Totale beroeps-bevolking 10.239.000
 

Onderwijs

In het onderwijs zijn de lonen ieder jaar fors gestegen om het beroep meer aantrekkelijk te maken. Het had een omgekeerd effect, gezinnen waar partners beiden in het onderwijs werken, konden zich veroorloven om minder dan 5 dagen te werken, tot zelfs 6 of 7 dagen totaal.

Nederland is kampioen deeltijdwerk

Afgelopen kwartaal telde het CBS bijna twee miljoen mensen die drie of vier dagen in de week werken. Het aantal mensen met een 40-urige werkweek daalt alleen onder mannen.
Zo'n 300.000 extra Nederlanders zijn sinds 2021 deeltijd gaan werken, becijferde statistiekbureau CBS.
Het bureau vergelijkt de derde kwartalen van voorgaande jaren en ziet sinds vier jaar geleden een toename van 1,6 miljoen deeltijd-werkenden naar 1,9 miljoen. Het gaat dan om mensen die 28 tot 35 uur per week werken. Het CBS noemt deze groep "grote deeltijdbanen".
Nog eens bijna drie miljoen Nederlanders werken minder dan 28 uur per week. Deze groep is vrij constant gebleven sinds 2021.
Bijna 5,1 miljoen mensen heeft een voltijd baan; dat zijn er 24.000 minder dan vorig jaar.
Volgens CBS hoofdeconoom Peter Hein van Mulligen komt de groei van deeltijdcontracten onder meer doordat mannen en vrouwen steeds gelijkwaardiger worden.
"Sinds 2013 zien we deze langzame beweging al op de arbeidsmarkt. Lees ook Deeltijd

Zorg en Onderwijs

Vooral in de Zorg en het Onderwijs zijn deeltijdcontracten meer regel dan uitzondering. Ongeveer 50% van deze werkenden werken in deeltijd, waaronder 70% van de vrouwen en 28% van de mannen.
Deze keuze is vaak gebaseerd op het willen hebben van tijd voor persoonlijke zaken, hobby’s, sport. En vooral meer tijd voor de kinderen  (het gezin).

Werkloosheid

In het vierde kwartaal waren volgens het CBS 410.000 mensen werkloos. De werkloosheid nam geleidelijk toe van 3,3 procent van de beroepsbevolking in het tweede kwartaal van 2022 tot 4 procent.
Volgens het UWV genoten echter maar160.000 werknemers een WW-uitkering.
Het verschil tussen CBS en het UWV is dus de definitie van werklozen.
CBS:Werkloos zijn personen van 15 tot 75 jaar die geen betaald werk hebben, maar wel recent naar werk hebben gezocht en daarvoor direct beschikbaar zijn. 
Terwijl het UWV dus uitgaat van werknemers met een WW-uitkering.

Wajong

Wajong is de naam van een volksverzekering voor iedereen die ingezetene van Nederland is. Wajong is de afkorting van Wet Werk en Arbeidsondersteuning Jonggehandicapten. Deze is opvolger van oude AAW trad op 1 januari 1997 in werking. De regeling wordt uitgevoerd door het UWV.
Lees ook: 
 
Voorwaarden
Iemand kan een Wajonguitkering aanvragen als hij:
  • op zijn 17e verjaardag een langdurige ziekte of handicap heeft of;
  • vóór zijn 30e verjaardag een langdurige ziekte heeft en in het jaar daarvoor minimaal 6 maanden
Werkgevers zijn te terughoudend om een Wajonger aan te nemen vanwege vermeend risico, terwijl op een Wajonger
  1. Een no-riskpolis van toepassing is
  2. Een Wajonger over het algemeen juist meer inzet en loyaliteit vertoont 
  3. Het een sociaal-maatschappelijke verplichting is om een Wajonger in dienst te nemen, toch?
Lees  ook: Geen pensioen Wajongers
 

Mensen met een beperking

De helft van de mensen met een beperking heeft werk. De andere helft niet. De meesten van hen willen wel graag werken. Logisch want werk is meer dan alleen geld verdienen. Het betekent ook vooral nieuwe dingen leren, mensen ontmoeten en met verhalen thuis komen.
Hoe staat het met de praktische invoering van de Wet  Breed Offensief ? We hebben veel wetten, die niet gehandhaafd worden, uitgesteld worden of praktisch niet worden toegepast. Dit is zo'n wet, met goede bedoelingen, maar nauwelijks of geen praktisch effect.
Geef meer aandacht aan deze wet en geef werkgevers eerder een No-Risk-Polis en vooral ondersteuning van het verhaal, dat werknemers met een kleine handicap, vaak meer gemotiveerd zijn.

Contractueel

De Wet op de arbeidsaanpassing  (Waa) geeft de werknemer niet alleen het recht om meer, maar ook om minder uren te werken.
De werkgever moet een steekhoudend argument hebben om een dergelijk verzoek te mogen weigeren.

Vrouwen gaan meer werken en mannen iets minder

Het aantal voltijdcontracten is alleen gedaald onder mannen, terwijl vrouwen juist meer voltijd zijn gaan werken én meer deeltijd.
Afgelopen kwartaal werkte 29 procent van de vrouwen 28 tot 35 uur, tegenover 35 procent met een volledige werkweek.
Dat is voor beide groepen een groei van een paar procentpunten sinds 2021.
Mannen blijven vooral voltijd werken, want 81 procent van de werkenden doet dat veertig uur per week. Dat is een daling van 1 procentpunt in vier jaar tijd. Met name de groep mannen tussen de 35 en 55 jaar kiest vaker voor deeltijd.
Meer tijd hebben voor de kinderen, is voor beide geslachten de belangrijkste reden om een grote deeltijdbaan te nemen in plaats van voltijd te werken.
Kennelijk is "meer tijd hebben voor priveleven" een belangrijker argument of voorwaarde dan een acceptabele kinderopvang.

Gelijkwaardige werkverdeling 'gaat nog lang duren'

Het gaat volgens Van Mulligen (CBS) "nog tientallen jaren duren" voordat het gemiddelde aantal werkuren van mannen en vrouwen precies gelijk is.
"We hebben nog altijd een sterke culturele norm in Nederland die luidt: dat vrouwen beter voor de kinderen kunnen zorgen. Dat bleek deze keer opnieuw uit onze enquête onder werkenden."
Nederland heeft meer vacatures dan beschikbare werknemers. Toch betekent de groei in deeltijd volgens de hoofdeconoom niet per se dat mensen gemiddeld minder werken.
Ongeveer de helft van de Nederlandse beroepsbevolking doet regelmatig vrijwilligerswerk. "Daar zijn we echt kampioen in en is een groot goed."

Bijna de helft van de arme werkenden heeft niet het hele jaar werk

In 2024 waren er 175 duizend werkenden die in hun huishouden te weinig geld hadden. Na de vaste lasten blijft er niet genoeg over voor basisbehoeften als eten, kleren en sociale activiteiten.
Van deze arme werkenden werkte 44 procent maar een deel van het jaar. Zij begonnen met werken of stopten juist, of hadden meerdere kortere banen afgewisseld met perioden zonder werk. Bij alle werkenden was 10 procent niet het hele jaar werkzaam. Dat blijkt uit onderzoek naar arme werkenden door het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).
Wat is de oorzaak van minder werken of minderwerk?  Is dit een gevolg van te weinig opleiding, geen zin in werken, alleen inzetbaar voor seizoenswerk?

Statushouder niet aan het werk door lange procedure en taalobstakels

Een statushouder is iemand die gevlucht is en een asielvergunning heeft gekregen in Nederland.  Dit betekent dat deze persoon legaal in Nederland kan wonen en werken.

Hoe je ook over het vluchtelingenprobleem denkt: Statushouders zijn in Nederland geaccepteerd.
Zorg er dan ook voor dat ze zo snel mogelijk integreren. De taal leren en vooral vooraf al selecteren op hun vaardigheden om inzet in het bedrijfsleven mogelijk te maken. Al bij het screenen door de IND moeten, naast het vaststellen van de oorzaak en noodzaak van het vluchten, ook gelijk de antecedenten van opleiding en beroep worden vastgelegd.

Nederland slaagt er namelijk nauwelijks in om statushouders aan het werk te krijgen in sectoren met grote personeelstekorten. Dat is de conclusie van de Algemene Rekenkamer in een rapport over de inburgeringswet.
De Rekenkamer vindt dat het ministerie van Sociale Zaken moet aangeven wat het doel van inburgering is en daar ook beleid op moet maken.
Lange asielprocedures en het gebrek aan woningen leiden ertoe dat erkende vluchtelingen lastiger een baan vinden en niet de juiste diploma's halen, staat in het rapport.
Ook verplichte taallessen zijn een obstakel. Betaald werk blijkt lastig te combineren met die lessen en er is een tekort aan taaldocenten, staat in het rapport. Een van de suggesties is om taalonderwijs op de werkvloer mogelijk te maken, maar ook de opleiding in een soort leerlingenstelsel, waarvoor werkgevers subsidie zouden moeten krijgen.
Doordat de inburgering langer duurt, worden de doelen van de inburgeringswet niet gehaald. Statushouders kunnen nog steeds niet snel aan de slag en een baan op hun niveau vinden is lastig

Ziekteverzuim

Stijgende kosten maken verzuim tot een groeiende uitdaging voor meer dan de helft van de Nederlandse werkgevers
Ziekteverzuim wordt een steeds grotere uitdagiing, blijkt uit de nieuwste Verzuimmanagement enquête 2026 van WTW.
57% van de organisaties ervaart problemen door de stijgende kosten die samenhangen met verzuim en arbeidsongeschiktheid.

Mentale gezondheid blijft voor werkgevers de belangrijkste reden tot zorg als het gaat om verzuim.
Daarnaast valt op dat klachten aan het bewegingsapparaat en andere chronische aandoeningen steeds prominenter worden.
63% van de organisaties noemt deze als belangrijk aandachtspunt, terwijl dat in 2023 nog 39% was.

Redactie: onderzoeken uit de jaren ’90  (door ons) gaven ook al aan dat klachten over het bewegingsapparaat een belangrijke factor in het verzuim zijn, maar ook toen nog zo genoemd “vage klachten”.
De vage klachten werden toen veelal toegeschreven aan mentale problemen en waren toen vooral gerelateerd aan de arbeids(on)tevredenheid binnen de organisatie,


In lijn met deze ontwikkeling rapporteert 68% van de werkgevers een toename van langdurig verzuim en arbeidsongeschiktheid.
Als reactie hierop zoeken organisaties naar een betere aansluiting van verzuimmanagement op hun bredere HR strategie.
Meer dan de helft (53%) is van plan om verzuimmanagement de komende twee jaar nauwer te verbinden met arbeidsvoorwaarden, salaris en welzijn, terwijl 37% extra wil inzetten op het versterken van welzijn ondersteuning.

Veel bedrijven hebben het werknemerstevredenheidsonderzoek afgeschaft (geeft teveel gedoe), maar constateren daardoor ook niet bijtijds dat het hoge ziekteverzuim een gelijke score laat zien met de ontevredenheid.

 
Lees meer

Andries Bongers

Andries Bongers Meer info

CEO, founder en eindredacteur bij HR-kiosk.nl, directeur van HR-kiosk BV, directeur en consultant De Bongerd VOF,was Bestuurslid NVP, Auteur "Fiscaal Vriendelijk Belonen", Partner van Merknemers.nu
Interesse: Beloningsmanagement, Arbeidsrecht, HR Generalist, Columnist. Visie over Personeelsbeleid  Interview dr. Miranda Langedijk op pagina 6/10