Ontbindende voorwaarden    Tussenbaan 


Soorten arbeidsovereenkomsten

Datum laatste wijziging: 21 maart 2017  |  Trefwoorden: Arbeidsovereenkomst, Voorovereenkomst, Uitzendovereenkomst

Inhoud

  1. Verschillende soorten arbeidsovereenkomsten
  2. Arbeidsovereenkomst algemeen
  3. Voorovereenkomst
  4. Flexibele overeenkomsten
  5. Uitzendovereenkomst
  6. Opdracht
  7. Aannemen van werk
  8. Thuiswerkers
  9. Arbeidsovereenkomst voor bepaalde en onbepaalde tijd
  10. Detacheringovereenkomst
  11. Vakantiewerkovereenkomst
  12. Fictieve overeenkomst
  13. Contractvormen en motieven van werkgevers en werknemers
  14. Naslag
  15. Fictieve dienstverband eist geen plicht tot persoonlijk arbeid

Verschillende soorten arbeidsovereenkomsten

Er zijn verschillende soorten arbeidsovereenkomsten. Onderstaande opsomming van diverse (arbeids)overeenkomsten is niet compleet.



Arbeidsovereenkomst algemeen

Volgens het Burgerlijk Wet (BW) is er sprake van een arbeidsovereenkomst als er:
  1. een gezagsrelatie is tussen werknemer en werkgever;
  2. de werkgever loon betaalt;
  3. de werknemer arbeid gedurende een zekere periode verricht.
Zie subrubriek Arbeidsovereenkomst (inleiding en inhoud).

Voorovereenkomst

Een werkgever kan met een oproepkracht een overeenkomst sluiten die een vrijblijvend karakter draagt. De oproepkracht hoeft aan een oproep geen gehoor te geven en omgekeerd is de werkgever niet verplicht de oproepkracht op te roepen.
Zie subrubriek Voorovereenkomst.

Flexibele overeenkomsten

Er zijn verschillende soorten arbeidsovereenkomsten voor een BW mogelijk. Deze hangen af van de soort arbeidsrelatie tussen werkgever en werknemer. Enkele van deze overeenkomsten arbeid op afroepbasis, nulurencontract en min-maxcontract - worden in subrubriek Flexibele arbeidsovereenkomst besproken. Het gaat om relaties waarbij de werkgever het gezag feitelijk uitoefent. Deze groep noemt men ook wel 'gelijkgestelden', omdat hun arbeidsrelatie voor de werking van de wet gelijk wordt gesteld met de arbeidsovereenkomst, zie subrubriek Gelijkgestelden.

Uitzendovereenkomst

Dit type overeenkomst met een uitzendbureau wordt besproken in subrubriek Uitzendarbeid



Opdracht

Het gaat hier als regel om een opdracht uit te voeren en waarbij partijen de intentie hebben dat de Belastingdienst de overeenkomst niet als een arbeidsovereenkomst bestempelt, zie subrubriek Verklaring arbeidsrelatie (VAR). De opdracht wordt vaak uitgevoerd door een zogeheten freelancer.

NB: Het begrip freelance is geen juridisch begrip. Er is geen sprake van een werkgever, uitsluitend van een opdrachtgever. Vaak worden met freelancers ook de ZZP-er aangeduid (zelfstandigen zonder personeel). Een freelancer dient zelf opgave en afdracht te doen aan de belastingdienst.

Aannemen van werk

Dit is een bijzondere overeenkomst waarbij de aannemer met een opdrachtgever overeenkomt een werk van stoffelijke aard te verrichten tegen een bepaalde prijs. Tussen beide partijen is dus geen dienstverband, en dus geen arbeidsovereenkomst. Deze overeenkomst wordt vaak gebruikt bij het maken van een bouwwerk.

Thuiswerkers

Sommige overeenkomsten worden wel/niet als een arbeidsovereenkomst beschouwd. Bij een thuiswerker die thuis werk verricht zonder dat er sprake is van een gezagsverhouding of indien hij niet verplicht is het werk persoonlijk uit te voeren, is er geen sprake van een overeenkomst.

Arbeidsovereenkomst voor bepaalde en onbepaalde tijd

Deze problematiek wordt besproken in subrubriek Ontslag.

Detacheringovereenkomst

Een detacheringovereenkomst is een overeenkomst waarbij werkgever en werknemer zich verbinden dat de werknemer (voor bepaalde periode) in een andere onderneming zal werken.

Vakantiewerkovereenkomst

Dit is een overeenkomst met een jongere voor enkele weken tot een maand of meer. Vaak zijn deze overeenkomsten (onterecht) niet op schrift gesteld. 

Fictieve arbeidsoverkomst

In bepaalde gevallen is er volgens het Burgerlijk Wetboek geen sprake van een echte arbeidsverhouding, er is bijvoorbeeld geen gezagsrelatie. Om in die gevallen toch loonbelasting te kunnen innen, heeft de overheid bepaald dat er onder bepaalde voorwaarden toch sprake is van een dienstbetrekking en wel van een fictieve dienstbetrekking (fictief dienstverband). Zie subrubriek Fictieve dienstbetrekking en opting-in.   

Contractvormen en motieven van werkgevers en werknemers

Op 31 januari 2014 verscheen het eindrapport van het onderzoek naar het gebruik van contractvormen in Nederland en de motieven die daarbij een rol spelen, zowel vanuit werkgeversperspectief als vanuit werknemersperspectief. Het onderzoek laat onder meer zien dat de afgesproken arbeidsvoorwaarden per contractvormen
kunnen variëren:
  1. Arbeidsvoorwaarden met betrekking tot beloning hebben vooral betrekking op doorbetaling bij geen werk of over het betalen van stukloon (bij ZZP-ers). Opmerkelijk is dat één op de tien werknemers met een vast contract aangeeft niet te worden doorbetaald als er geen werk is. Mogelijk dat dit (gedeeltelijk) werknemers met een (vast) oproepcontract betreft.
  2. Beschermende arbeidsvoorwaarden gaan over doorbetaling bij ziekte, de al dan niet variabele werktijden en pensioensopbouw. Het onderzoek laat zien dat mensen met tijdelijke contracten, uitzendkrachten en payrollmedewerkers in meerderheid ook een pensioen opbouwen.
  3. Scholing en trainingsmogelijkheden zijn overwegend, maar niet uitsluitend, beschikbaar voor werknemers met een vast contract en veel minder voor flexibele werknemers.
  4. Tijdelijke banen met uitzicht op een vaste baan komen vooral voor bij uitzendkrachten, en in iets mindere mate bij payrollmedewerkers en werknemers met tijdelijke contracten op een loonlijst. (Bron en meer: Min SZW, 31 jan. 2014)

Naslag

Meer informatie is te vinden in Handboek Loonheffingen 2017. Ga naar dit handboek en typ het gewenste trefwoord.

Fictieve dienstverband eist geen plicht tot persoonlijk arbeid

Waar het in de uitspraak van de Hoge Raad om ging, was het vernietigen van een naheffingsaanslag en de boete. Volgens het Hof was geen sprake van privaatrechtelijke en ook niet van fictieve dienstbetrekkingen, omdat een gezagsverhouding ontbrak, net als de verplichting om persoonlijk arbeid te verrichten. De staatssecretaris ging in cassatie.

De Hoge Raad vond de beslissing van het Hof dat geen sprake was van een privaatrechtelijke dienstbetrekking niet onjuist, niet onbegrijpelijk of onvoldoende gemotiveerd. De Hoge Raad was het echter wel met de staatssecretaris eens dat de uitspraak van het Hof onjuist was dat geen sprake was geweest van een fictieve dienstbetrekking. Voor de aanwezigheid van een fictieve dienstbetrekking was niet vereist dat een verplichting bestond tot het persoonlijk verrichten van arbeid. Daarvoor was voldoende dat in feite persoonlijk arbeid werd verricht. (Bronnen: Futd.nl, 18 nov. 2016 en jurisprudentie, 18 nov. 2016).  


Ga terug naar subrubriek Arbeidsovereenkomst.

Gerelateerde artikelen en/of partner bijdragen:
Gerelateerd nieuws en/of opinies:


 Ontbindende voorwaarden    Tussenbaan