Vakantiewerker    Belastingdienst pakt schijnzelfstandige aan 


Verklaring arbeidsrelatie (VAR)

Datum laatste wijziging: 8 juli 2018  |  Trefwoorden: Verklaring arbeidsrelatie, VAR, Beschikking geen loonheffingen, BGL, Voorbeeldovereenkomst

Inhoud

  1. Vrijwaring premies werknemersverzekeringen
  2. VAR automatisch op de mat
  3. VAR-verklaringen telefonisch te controleren
  4. Schijnzelfstandigen
  5. Jacht op ZZP-ers in zorg moet stoppen
  6. Tweede Kamer wil zelfstandig wetsvoorstel juistheid VAR-aanvraag
  7. Voor 2014 afgegeven VARís ook begin 2015 geldig
  8. Wiebes wil af van VAR-verklaring
  9. Veel kritiek op afschaffing VAR voor ZZP-ers
  10. Voorlopig geen Beschikking geen loonheffingen (BGL)
  11. Naslag
  12. Alternatief voor opvolger VAR-verklaring
  13. Nota van wijziging op Beschikking geen loonheffingen
  14. Modelcontracten niet strenger dan VAR
  15. Antwoord op vragen over nieuwe wet
  16. Instemming Tweede Kamer
  17. Vraag voor 2016 geen VAR aan
  18. 100.000 ZZP-ers lopen gevaar
  19. Voorbeeldovereenkomsten
  20. Uitstel invoering Wet deregulering beoordeling arbeidsrelaties (DBA) tot 1 april 2016
  21. Transitieplan voor uitfasering VAR bekend
  22. Geen verplichting dienstbetrekking voor te leggen
  23. Nieuwe VAR leidt tot angst bij bedrijven
  24. VAR vervalt mogelijk vanaf 1 mei 2016
  25. Instemming Eerste Kamer
  26. Een op de vijf ZZP-ers heeft een VAR winst uit onderneming
  27. Fiscus moet bij verschillende arbeidsrelaties VAR-aanvraag splitsen

Vrijwaring premies werknemersverzekeringen

Opdrachtgevers aan zelfstandigen zijn vanaf 1 januari 2005 gevrijwaard van het betalen van premies voor werknemersverzekeringen en loonbelasting als ze beschikken over een (kopie) Verklaring arbeidsrelatie (VAR) van de Belastingdienst, zij de identiteit van de opdrachtnemer hebben vastgesteld, het werk binnen de geldigheidstermijn van de VAR plaatsvindt, het werk binnen de omschrijving op de VAR valt en de VAR niet is vervalst*. Een VAR-verklaring geldt m.i.v. 2005 voor slechts ťťn kalenderjaar, waarna verlenging kan worden aangevraagd. Gezien de korte looptijd van de VAR is het van belang deze tijdig aan te vragen.
 
* De aanvrager is zelf verantwoordelijk voor de geldigheid van zijn VAR. Is sprake van fraudeĻ, dan kan dat fiscale gevolgen hebben en riskeert de dader een strafrechtelijke vervolging. In dergelijke gevallen wordt ook geen nieuwe VAR-verklaring meer afgegeven.

Ļ Zie ook Fraude.

Uit jurisprudentie is gebleken dat ook een in het buitenland wonende zelfstandige een VAR bij de Nederlandse Belastingdienst kan aanvragen.
 

Verwante termen

  • VAR-WUO: als in de Verklaring arbeidsrelatie (VAR) staat dat de Belastingdienst de inkomsten van een zelfstandige (winst uit onderneming = WUO) aanmerken als winst uit onderneming, dan heeft de deze zelfstandige en zijn opdrachtgever de zekerheid dat de opdrachtgever over de beloning geen loonheffingen hoeft in te houden en af te dragen;
  • VAR-DGA: de werkgever hoeft geen loonheffingen in te houden en te betalen omdat de inkomsten uit werkzaamheden voor rekening en risico van een vennootschap zijn;
  • VAR-ROW: als in de Verklaring arbeidsrelatie (VAR) staat dat een zelfstandige de inkomsten als resultaat uit overige werkzaamheden (ROW) worden aangemerkt, dan biedt de VAR de zelfstandige en zijn opdrachtgever(s) geen zekerheid over de vraag of zij loonheffingen moeten inhouden en afdragen. De ROW geldt vaak voor artiesten. Bij twijfel of er sprake is van een (fictieve) dienstbetrekking kan de opdrachtgever de Belastingdienst of het UWV om een uitspraak vragen;
  • VAR-LOON: als in de Verklaring arbeidsrelatie (VAR) van de Belastingdienst staat dat zij de inkomsten als loon aanmerken, dan biedt de VAR de werkgever geen zekerheid over de vraag of hij loonheffingen moet inhouden en afdragen. In dit geval is het aan de werkgever om te toetsen of er sprake is van een (fictieve) dienstbetrekking (loonheffingen verplicht) of dat er geen sprake is van een (fictieve) dienstbetrekking (geen loonheffingen).

VAR automatisch op de mat

Met ingang van 1 januari 2010 wordt de VAR automatisch aan betrokkenen gezonden, voorwaarden zijn:

  • drie achtereenvolgende kalenderjaren is steeds een verzoek voor een VAR heeft ingediend voor dezelfde werkzaamheden die onder dezelfde voorwaarden zijn verricht;
  • de drie verzoeken tot dezelfde VAR hebben geleid;
  • de beschikkingen daarna niet meer herzien zijn.

Vereenvoudiging van de fiscale regels en verplichtingen is een speerpunt van het kabinet. Met deze maatregel verwacht het kabinet dat er ruim 60% minder VAR-aanvragen zullen worden gedaan en denkt het in Nederland een administratieve lastenverlichting te kunnen bezorgen van in totaal Ä 3,6 miljoen.

VAR-verklaringen telefonisch te controleren

De Belastingdienst maakt het controleren van VAR-verklaringen een stuk eenvoudiger. Ondernemers kunnen de echtheid van deze verklaringen voortaan telefonisch checken. Op basis van de bij de Belastingdienst bekende gegevens wordt gecontroleerd of de combinatie BSN Ė VAR klopt. Als de combinatie niet klopt, vindt nader onderzoek plaats, zie site.

Schijnzelfstandigen

Minister Asscher komt in actie tegen schijnzelfstandigen. Dat zijn werkenden die zich ďformeel presenteren als ondernemer maar feitelijk werkzaam zijn als werknemerĒ. Als een dergelijke schijnconstructie bewust wordt gekozen om loonheffingen en premieplicht te ontduiken, leidt dit tot ďoneerlijke concurrentie met zowel ondernemers als werknemersĒ. Lees meer in subrubriek Schijnzelfstandige.

Om schijnzelfstandigheid te bestrijden, neemt het kabinet verschillende maatregelen. Zo worden opdrachtgevers weer verantwoordelijk voor de juistheid van de VAR-verklaring die zelfstandigen moeten overleggen. Ook komt er meer voorlichting en strengere controle. Maar daarnaast onderzoekt Asscher de wettelijke mogelijkheden om het grote, grijze gebied te verkleinen dat is ontstaan tussen ondernemerschap en werknemerschap.

Lees de column Hoezee hoezee, iedereen ZZP waarin de problematiek duidelijk wordt weergegeven.

Jacht op ZZP-ers in zorg moet stoppen

Het kabinet maakt zelfstandigen in de langdurige zorg het werken onmogelijk. Het schiet door met het bestrijden van schijnconstructies. Dat vindt een ruime meerderheid van de Tweede Kamer, bleek tijdens een debat met minister Asscher en Eric Wiebes. De Kamer vindt dat de Ąjacht op ZZP-ersĒ te ver gaat. Kamerleden trokken er al eerder over aan de bel. Het aanpakken van schijnzelfstandigheid moet niet ten koste gaan van zelfstandigen die gewoon hun werk doen, vinden ze.

Kort voor het debat schreven Asscher en Wiebes aan de Kamer dat er een proefproject komt waarin 1500 ZZP-ers in de langdurige zorg zonder VAR-verklaring aan de slag kunnen. Ook laat het kabinet de verschillen tussen zelfstandigen en werknemers nader onderzoeken. Maar de Kamer vindt die oplossing onvoldoende.

Tweede Kamer wil zelfstandig wetsvoorstel juistheid VAR-aanvraag

De regering heeft het voorstel ingediend om de medeverantwoordelijkheid van de opdrachtgever voor de juistheid van de VAR-aanvraag op te nemen in de Fiscale Verzamelwet 2014. Onderzoeksbureau Actal is onder andere kritisch over dit voorstel, waardoor de Kamer een opzichzelfstaande parlementaire behandeling wenselijk acht waarbij het voorstel als zelfstandig wetsvoorstel ingediend moet worden en behandeld zal worden.

Andere moties van de Kamer inzake de VAR waren de volgende:

  • Er moet hard worden gewerkt om zo snel mogelijk tot een structurele en lange termijn oplossing te komen voor ZZP-ers werkzaam in de zorg. Dit betreft alle zelfstandige zorgprofessionals waaronder de ZZP-ers wier VAR WUO is ingetrokken zonder dat er een boekenonderzoek is verricht bij de desbetreffende ZZP-ers.
  • Er dient voor 30 juni voor zowel opdrachtgevers als ZZP-ers duidelijke en eenduidige informatie ter beschikking te worden gesteld over de wijze waarop ZZP-ers in de zorg (zoals degenen wier VAR- WUO is herzien in een VAR-loon of die in 2014 plotseling een VAR-loon in plaats van een VAR-WUO hebben gekregen) als ZZP-er aan het werk kunnen en de Kamer dient daarover geÔnformeerd te worden.
  • De Kamer heeft de regering verzocht, in het najaar aan de Kamer te rapporteren hoeveel van de 1.200 mensen die nu een VAR-loon hebben gekregen met een VAR-WUO zijn gaan deelnemen aan de pilot rechtstreeks contracteren in de zorg (Bron: PZO, 28 mei 2014).

Voor 2014 afgegeven VARís ook begin 2015 geldig

Vooruitlopend op het indienen van het wetsvoorstel waarin de medeverantwoordelijkheid voor de opdrachtgever wordt geregeld, treft de Staatssecretaris van FinanciŽn maatregelen om de overgang naar de nieuwe systematiek zo soepel mogelijk te laten verlopen. Huidige VAR-houders hoeven geen verzoeken voor het jaar 2015 te doen. De voor het kalenderjaar 2014 afgegeven VAR's kunnen ook in de eerste maanden van 2015 nog worden gebruikt (Bron: Brief Staatssecretaris van FinanciŽn, 11 juli 2014, nr. DB/2014/325 U) 

Wiebes wil af van VAR-verklaring

ZZP-ers tonen met een VAR-verklaring aan dat zij voor meerdere opdrachtgevers werken: ze vullen wat vragen in en sturen die op naar de Belastingdienst. Die beoordeelt - op basis van de antwoorden- of de persoon in kwestie wel echt ZZP-er is en niet in verkapte loondienst.

En wat blijkt, tussen de 2 en 14 procent van de ZZP-ers is er sprake van schijnzelfstandigheid. Ook als het maar om 2 procent zou gaan, dan nog zou dit gelden voor zoín 15.000 tot 20.000 mensen. Een behoorlijk aantal, vindt staatssecretaris Wiebes. 'Deze groep van schijnzelfstandigen vallen ten onrechte nu niet onder de werknemersverzekeringen en zij doen nu ook ten onrechte een beroep op ondernemersfaciliteiten in de inkomstenbelasting.'

De VAR-verklaring verdwijnt als het aan de staatssecretaris ligt. Daarvoor in de plaats een nieuwe wet Beschikking geen loonheffingen (BGL)*, aldus een wetsvoorstel waarbij naast de zelfstandige ook de opdrachtgever verantwoordelijk zal zijn voor de beoordeling van de arbeidsrelatie. Nu is het alleen nog de ZZP-er die hier vragen over krijgt.

* In feite niet meer dan formulieren die at het gaat ondersteunen.

De Raad van State ziet niets in het wetsvoorstel van staatssecretaris Eric Wiebes van FinanciŽn om de VAR-verklaring voor ZZP-ers te vervangen door de nieuwe regeling Beschikking geen loonheffingen (BGL). Het hoogste adviesorgaan van de regering vraagt zich af welk probleem hiermee wordt opgelost. Het vindt dat het kabinet het plan moet heroverwegen.

Veel kritiek op afschaffing VAR voor ZZP-ers

Regeldrukwaakhond Actal en werkgeversorganisatie VNO-NCW hebben forse kritiek op een kabinetsvoorstel om de VAR-verklaring voor ZZP-ers en freelancers te vervangen door de BGL, de Beschikking geen loonheffingen.

Actal vreest dat de nieuwe regeling gaat leiden tot meer kosten en administratieve rompslomp voor ondernemers en de maatschappij helemaal niets oplevert. Volgens VNO-NCW is de nieuwe wet niet nodig, maar moet de VAR door de Belastingdienst beter worden gehandhaafd. Ook ZZP Nederland keerde zich al tegen het voorstel van staatssecretaris Eric Wiebes van FinanciŽn.

Voorlopig geen Beschikking geen loonheffingen (BGL)

In de politiek wordt een opvolger van de VAR onderzocht en bediscussieerd: de Beschikking Geen Loonheffingen (BGL) (. Staatssecretaris Wiebes (FinanciŽn) deed daartoe in december 2014 een voorstel in de Tweede Kamer. Er was eerder sprake van dat de BGL de VAR in de loop van 2015 zou vervangen.

De Tweede Kamer besloot echter de invoering van de BGL tot nader order uit te stellen (formeel: de Kamercommissie FinanciŽn vroeg de staatssecretaris unaniem het wetsvoorstel voor de BGL uit te stellen). Verschillende partijen in de kamer, werkgeversorganisaties, organisaties van zelfstandigen en regeldrukwaakhond Actal waren niet enthousiast over de BGL. Gevreesd werd voor meer administratieve rompslomp en kosten. Voorlopig zullen we het dus nog met de VAR moeten doen. Het is aan de regering om met een nieuw voorstel te komen.

Naslag

Meer informatie is te vinden in Handboek Loonheffingen. Ga naar subrubriek Loon- en inkomstenbelasting en klik bij Handboeken Loonheffingen op het door u gewenste jaar.

Alternatief voor opvolger VAR-verklaring

Staatssecretaris Wiebes van FinanciŽn komt waarschijnlijk met een ander plan om schijnzelfstandigheid van ZZP-ers te bestrijden. Nieuw is dat Wiebes rekening zou houden met sectoren waarin de risico's op schijnconstructies groot zijn. Voor andere sectoren zouden modelcontracten kunnen worden opgesteld. Daarmee zou voorkomen worden dat echte ZZP-ers worden opgezadeld met extra administratie.

Wiebes presenteerde in september het wetsvoorstel. Beschikking geen loonheffingen als opvolger voor de huidige VAR-verklaring. Daar kwam veel kritiek op van zelfstandigen zonder personeel. Ze waren bang voor onnodige administratieve rompslomp (Bron: NOS, 18 apr. 2015).

Nota van wijziging op Beschikking geen loonheffingen

Staatssecretaris Wiebes van FinanciŽn informeert de Tweede Kamer over de nota van wijziging bij het wetsvoorstel Wet invoering Beschikking geen loonheffingen (BGL). Dit vloeit voort uit het voornemen om een alternatief voor de BGL te introduceren.

In deze nota van wijziging wordt geregeld dat de bepalingen die betrekking hebben op de introductie van de BGL vervallen. Het voorstel om de VAR af te schaffen wordt gehandhaafd. De Wet invoering Beschikking geen loonheffingen gaat heten: Wet deregulering beoordeling arbeidsrelaties.

Modelcontracten niet strenger dan VAR

De Belastingdienst zal bij de beoordeling van modelcontracten voor ZZP-ers niet strenger worden dan bij de huidige verklaring arbeidsrelatie (VAR). De wet en jurisprudentie blijven leidend, zo verzekert staatssecretaris Wiebes van FinanciŽn de Tweede Kamer.

Antwoord op vragen over nieuwe wet

De Nota naar aanleiding van de Wet deregulering beoordeling arbeidsrelaties (DBA) is naar de Tweede Kamer gestuurd. De wet wijzigt enkele belastingwetten en ander wetten ten behoeve van het afschaffen van de Verklaring arbeidsrelatie. Staatssecretaris Wiebes geeft antwoord op Kamervragen.

Instemming Tweede Kamer

Op 2 juli 2015 heeft de Tweede Kamer ingestemd met het verdwijnen van de VAR per 1 januari 2016. De webmodule komt er niet, de beschikking geel loonheffing (BGL) komt er ook niet. De VAR verdwijnt gewoon. Modelcontracten komen er voor in de plaats.

Vraag voor 2016 geen VAR aan

Vanaf 1 januari 2016 verdwijnt de Verklaring Arbeidsrelatie (VAR). De Tweede Kamer heeft een wetsvoorstel hiervoor goedgekeurd. De Eerste Kamer behandelt dit voorstel na het zomerreces.

Normaal gesproken kon men ieder jaar vanaf september een VAR aanvragen voor het volgende jaar, maar in 2015 hoeft dat niet. Doet iemand toch een VAR-aanvraag voor 2016, dan behandelt de Belastingdienst - in afwachting van de besluitvorming in de Eerste Kamer - deze niet. Een VAR voor 2015 kan men nog wel aanvragen.

100.000 ZZP-ers lopen gevaar

ZZP-intermediairs voorzien dat ruim 100.000 ZZP-ers hun opdracht zullen mislopen als het Wetsvoorstel Deregulering beoordeling arbeidsrelaties (DBA), waarin de VAR wordt afgeschaft, wordt aangenomen.

Volgens het NBBU en Bovib zullen ZZP-intermediairs straks niet meer gevrijwaard zijn voor de loonheffing. Een ander punt van kritiek is dat opdrachtgevers het ondernemerschap van de ZZP-er zelf moeten gaan beoordelen, een taak die buiten hun gezichtsveld valt.

Voorbeeldovereenkomsten

Vooruitlopend op de instemming van de Eerste Kamer van de Wet Deregulering beoordeling arbeidsrelaties (DBA) heeft de Belastingdienst voorbeeldovereenkomsten gepubliceerd.

Uitstel invoering Wet deregulering beoordeling arbeidsrelaties (DBA) tot 1 april 2016

In een brief aan de Eerste Kamer stelt staatssecretaris Wiebes voor aan hem de gelegenheid te geven om meer voorbeeldovereenkomsten te beoordelen en te publiceren. Daarnaast stelt hij voor met de verschillende betrokken organisaties te overleggen hoe de wet DBA zo soepel mogelijk in te voeren.

Concreet stelt hij voor:

  • Streefdatum voor de inwerkingtreding wordt 1 april 2016.
  • Overeenkomsten die voor 1 februari 2016 worden voorgelegd aan de Belastingdienst, zullen voor 1 april 2016 zijn beoordeeld en, indien het oordeel is 5 dat daarmee buiten dienstbetrekking wordt gewerkt, zo mogelijk gepubliceerd. Hoe sneller partijen hun (voorbeeld)overeenkomst aan de Belastingdienst voorleggen, des te meer tijd is er voor overleg met de Belastingdienst en de implementatie.
  • Er geldt een implementatietermijn tot 1 januari 2017. Dat houdt in dat alle opdrachtgevers en opdrachtnemers tot 1 januari 2017 de tijd hebben om zo nodig hun werkwijze aan te passen aan een werkwijze die is voorzien in een voorbeeld- of modelovereenkomst. Tot die tijd zal de Belastingdienst wel toezicht houden, maar nog geen repressieve handhavingsmaatregelen nemen. Dit betekent dat de Belastingdienst waar nodig zal waarschuwen en partijen erop zal wijzen op welke punten een aanpassing van hun werkwijze nodig is om buiten dienstbetrekking te werken.
  • Het wetsvoorstel heeft geen terugwerkende kracht, dus tot op het moment van inwerkingtreding van de wet blijft de vrijwarende werking van de VAR voor de opdrachtgever bestaan. Indien na de inwerkingtreding wordt geconstateerd dat er sprake is van een dienstbetrekking, kunnen eventuele handhavingsmaatregelen dus niet zien op een periode waarvoor de opdrachtgever zich nog op de vrijwarende werking van de VAR kan beroepen. Bij partijen die na 1 januari 2017 niet volgens een beoordeelde (voorbeeld)overeenkomst of modelovereenkomst werken, kan worden gehandhaafd als blijkt dat er feitelijk sprake is van een dienstbetrekking. Als deze dienstbetrekking in 2016 al bestond, wordt door de vrijwaring alleen de periode vanaf 1 april 2016 in de handhaving betrokken.
  • Evidente fraude blijft de Belastingdienst uiteraard te allen tijde aanpakken.
Lees ook het bericht Belastingdienst hierover

Red.: U mag wennen aan de BGL van 1 april 2016 tot 1 januari 2017. Wiebes geeft ook werkgevers extra voorbereidingstijd. U krijgt heel 2016 om uw werkwijze aan te passen. In 2016 houdt de Belastingdienst wel toezicht, maar zal niet handhavend optreden. Totdat u en uw opdrachtnemers met een goedgekeurde overeenkomst werken, blijft de bestaande VAR gewoon geldig. Per 1 januari 2017 is de wenperiode voorbij en moet iedereen over zijn op het nieuwe systeem.
We moeten dus wennen aan een nieuw systeem, waarvan we nu al weten dat dit totaal niet deugt. De VAR was al in strijd of stond minstens op gespannen voet met bestaande wetgeving, maar de BGL. (Beschikking geen Loonheffing) deugt al evenmin, tenzij op basis hiervan de wet (1953) nu echt wordt toegepast. De Belastingdienst houdt in 2016 wel toezicht, maar zal niet handhaven. Stelt u zich eens voor: u rijdt heel 2016 150 km per uur op de A2 en u krijgt wel een vriendelijk bericht van CJIB, maar u hoeft niets te betalen! Das lekker!

Transitieplan voor uitfasering VAR bekend

De nieuwe modelovereenkomsten voor het krijgen van zekerheid over de arbeidsrelatie van zelfstandige opdrachtnemers worden in drie fases ingevoerd. Een nieuw transitieplan moet ervoor zorgen dat de uitfasering van de VAR-verklaring soepel verloopt.
Staatssecretaris Wiebes van FinanciŽn heeft voor zijn transitieplan voor de invoering van de Wet deregulering beoordeling arbeidsrelaties overlegd met verschillende werkgeversorganisaties en organisaties van zelfstandigen zonder personeel (ZZPíers). De uitkomst is een plan met drie fasen:

  1. Voorbereidingsfase (tot 1 april 2016): De Belastingdienst gebruikt de huidige periode om modelovereenkomsten op te stellen en individuele overeenkomsten te beoordelen. Dat zullen er geen 40 worden (zoals eerst afgesproken) maar vooral algemene modelovereenkomsten. Eind november wil de Belastingdienst daarnaast een overzicht geven van de bepalingen in de modelovereenkomsten die relevant zijn voor de fiscale behandeling van de arbeidsrelatie met een opdrachtgever. (Redactie: dat kan niet anders zijn dan de wettelijke regels uit 1953!) In de voorbereidingsfase kunnen ZZPíers nog een nieuwe VAR aanvragen (tool).
  2. Implementatiefase (van 1 april 2016 tot 1 januari 2017): Per 1 april verstrekt de Belastingdienst geen VAR meer aan opdrachtnemers. Ook zorgen de bestaande VARís dan niet meer voor een vrijwaring voor de loonheffingen. Tijdens de wenperiode zal de Belastingdienst wel terughoudend zijn bij de handhaving van de nieuwe regels en werkgevers waar nodig ondersteunen bij de invoering van de nieuwe werkwijze.
  3. Nieuwe werkwijze (vanaf 1 januari 2017): Met ingang van 2017 geldt zonder uitzondering de nieuwe werkwijze. Het gebruik van een goedgekeurde overeenkomst zorgt alleen voor zekerheid als uw onderneming en de opdrachtnemer ook echt volgens de overeenkomst werken. De Belastingdienst zal een correctieverplichting of naheffingsaanslag opleggen als er sprake is van een dienstbetrekking, maar er geen loonheffingen werden afgedragen.

Geen verplichting dienstbetrekking voor te leggen

De Belastingdienst is er maar druk mee, begin december 2015 schrijft zij: 'U bent niet verplicht een overeenkomst aan ons voor te leggen. De opdrachtgever moet dan zelf bepalen of er sprake is van een dienstbetrekking en of hij wel of geen loonheffingen moet betalen. Op deze pagina vindt u voorbeeldbepalingen die een rol spelen bij onze beoordeling van een overeenkomst: wel of geen echte dienstbetrekking.

U kunt de voorbeeldbepalingen vergelijken met de bepalingen in uw eigen overeenkomst. De bepalingen in uw eigen overeenkomst kunnen anders geformuleerd zijn dan de voorbeeldbepalingen, maar het gaat om de strekking ervan. Zo kunt u zelf inschatten of de opdrachtgever wel of niet loonheffingen moet betalen. Daarmee hebt u geen zekerheid over ons oordeel over uw overeenkomst. Wilt u die zekerheid wel hebben, dan moet u de overeenkomst aan ons voorleggen.

Nieuwe VAR leidt tot angst bij bedrijven

Als de Eerste Kamer instemt met de Wet DBA, dan gaat deze per 1 april 2016 van kracht. De wetswijziging kan de arbeidsrelatie tussen opdrachtgevers en opdrachtnemers op losse schroeven zetten. Bedrijven nemen verschillende maatregelen om te vorkomen dat zelfstandigen alsnog als werknemer behandeld willen worden, schrijft het Financiele Dagblad op haar website.

De Algemene Bond van Uitzendorganisaties (ABU) en belangenorganisatie ZZP Nederland zien dat bedrijven zoeken naar mogelijkheden om geen rechtstreekse overeenkomsten aan te gaan met zelfstandige ondernemers. Maar hiermee zijn ze nog niet direct veilig. Belangenorganisaties en fiscaal deskundigen waarschuwen dat zelfstandig ondernemerschap al snel ter discussie staat als opdrachtgevers en opdrachtnemers geen rechtstreekse overeenkomst aangaan. De bemiddelaar loopt dan het risico als werkgever te worden aangemerkt. Als die zijn verplichtingen niet kan nakomen, zoals afdracht van loonbelasting en sociale lasten, draait de opdrachtgever daarvoor op.

Een ander risico is dat ZZP-ers naar de rechter stappen om een dienstverband als werknemer af te dwingen. Bijvoorbeeld om na afloop van een opdracht aanspraak te kunnen maken op een werkloosheidsuitkering of bij ziekte op doorbetaling door de werkgever. (Bron: PO Actueel, 15 jan 2016)

Red: De strijd tussen Min SZW en (vaak kleine) werkgevers duurt onverminderd voort, is er een schatting gemaakt hoeveel werkgevers deze wetgeving de keel kost en hoeveel ZZP-ers hierdoor ww of bijstand moeten aanvragen?

VAR vervalt mogelijk vanaf 1 mei 2016

De Eerste Kamer stemt op 2 februari 2016 mogelijk in met het wetsvoorstel DBA. Op 26 februari 2016 deed staatssecretaris Wiebes nog de toezegging de voorbereidingsfase van de afschaffing van de VAR te laten aflopen op 1 mei 2016. Met deze toezegging kwam staatssecretaris Eric Wiebes tegemoet aan de wens van het CDA om meer tijd te nemen voor afschaffing van de VAR. Per 1 mei 2016 komt dus mogelijk de VAR te vervallen en start de implementatiefase, die loopt tot 1 mei 2017. Vanaf dat moment wordt het wetsvoorstel Wet deregulering beoordeling arbeidsrelaties (DBA) gehandhaafd. (Bron: BDO, 27 jan. 2016)

Instemming Eerste Kamer

De Eerste Kamer heeft op 2 februari 2016 ingestemd met een nieuw fiscaal contract tussen ZZP-ers en hun opdrachtgevers, einde dus voor de VAR-verklaring per 1 mei 2016.

Red.: Of het allemaal veel helpt is de vraag, een ding is zeker de (digitale) papierwinkel neemt in het kwadraat toe.

Een op de vijf ZZP-ers heeft een VAR winst uit onderneming

Een op de vijf zelfstandigen zonder personeel had in 2014 Verklaring Arbeidsrelatie van winst uit onderneming (VAR-wuo). In de bouw is het aandeel ruim de helft en in de ICT en zakelijke dienstverlening ontving ruim een derde van de ZZ-ers een VAR-wuo van de Belastingdienst. Een bedrijf dat iemand met een VAR-wuo inhuurt weet dat het door de Belastingdienst niet wordt aangeslagen voor loonheffingen.

Het aandeel ZZP-ers met een VAR-wuo was in 2011 17 procent en nam toe tot 20 procent in 2014, oftewel 278 duizend mensen. Het gaat zowel om ZZP-ers voor wie hun onderneming de belangrijkste inkomstenbron is als om degenen die hun hoofdinkomen op een andere manier verdienen, bijvoorbeeld in loondienst.

Naast de VAR-wuo verleende de Belastingdienst aan 44 duizend ZZP-ers een VAR resultaat uit overige werkzaamheden (VAR-row). Wanneer een bedrijf een ZZP-er met een VAR-row inhuurt kan het worden aangeslagen voor loonheffingen. Het aandeel ZZP-ers met een VAR-row nam tussen 2011 en 2014 iets af. (Bron: CBS, 5 mrt. 2016)

Fiscus moet bij verschillende arbeidsrelaties VAR-aanvraag splitsen

Inspecteur mag geen tweede aanvraagformulier eisen voor verschillende arbeidsrelaties die in ťťn aanvraagformulier aan hem zijn voorgelegd ter verkrijging van een verklaring arbeidsrelatie (VAR). Aldus een uitspraak van de Hoge Raad, d.d. 10 mrt. 2017.
Inhoudsopgave:

Gerelateerde artikelen en/of partner bijdragen:
Gerelateerd nieuws en/of opinies:


 Vakantiewerker    Belastingdienst pakt schijnzelfstandige aan