Bedrijfsovername    Concurrentiebeding 


Boetebeding

Datum laatste wijziging: 25 januari 2017  |  Trefwoorden: Boetebeding, Boete

Inhoud

  1. Voorwaarden
  2. Keuze
  3. Maximum boete
  4. Verjaren
  5. Wetsvoorstel vereenvoudiging beslagvrije voet

Voorwaarden

De werkgever kan een vordering op de werknemer claimen (7:650 BW), de voorwaarden zijn:

  • de voorschriften op overtreding waarvan een boete (ook wel boeteclausule genoemd) wordt gesteld, zijn aangegeven in een arbeidsovereenkomst of (personeels)reglement;
  • de hoogte van de boete is schriftelijk voor iedere overtreding vastgesteld;
  • de bestemming van de boete is schriftelijk bepaald. De boete mag niet ten goede komen aan de werkgever zelf, dan wel aan degene die in naam van de werkgever optreedt. De boete moet gestort worden in een fonds voor een goed doel.

Keuze

De werkgever kan in plaats van een boete ook een schadevergoeding eisen. Zowel een boete en een schadevergoeding voor hetzelfde feit is niet toegestaan (Bron: Arbeidsrechter).

Maximum boete

In de wet staat dat de boete uitgedrukt moet zijn in een bepaald bedrag aan geld waarbij een maximum geldt. In de periode van een week mag geen hoger bedrag aan gezamenlijke boetes worden opgelegd dan het loon van een halve dag. Ook een aparte boete is gemaximeerd en mag niet hoger zijn dan een tiende deel* van het loon (per week)' (7:652 BW). Dit geldt voor werknemers die niet meer dan het minimumloon verdienen. Voor werknemers die meer dan het minimumloon verdienen, mag de werkgever van deze wettelijke bepaling afwijken en een hogere boete stellen op een overtreding. In het laatste geval kan de rechter deze boete matigen.

* Men spreekt in dit verband ook wel over beslagvrije voet. Dit is een deel van het loon waar de werkgever niet aan mag tornen. De beslagvrije voet bedraagt 90% van de bijstandsnorm (weekloon minus halve dag loon komt uit op 90% van het loon). Dit bedrag moet de werkgever naar boven bijstellen als daar redenen voor zijn. Dat kan bijvoorbeeld het geval zijn als de werknemer hoge huurkosten of een dure ziektekostenverzekering heeft.

Verjaren

De werkgever kan tot vijf jaar nadat hij overtreding heeft geconstateerd, doch uiterlijk 20 jaar na beëindiging van de arbeidsovereenkomst, de boete opeisen.

Wetsvoorstel vereenvoudiging beslagvrije voet

Het wetsvoorstel beslagvrije voet bevat een sterk vereenvoudigd model om de beslagvrije voet te berekenen en een aangepast proces van beslaglegging zodat beslagleggende partijen beter van elkaars incassoactiviteiten op de hoogte zijn.

De beslagvrije voet zorgt ervoor dat mensen met schulden voldoende middelen overhouden om in de (basale) kosten van levensonderhoud te voorzien. De huidige berekening van de beslagvrije voet is complex en weinig transparant. Hierdoor wordt de beslagvrije voet in de praktijk vaak te laag vastgesteld. Aangezien dit ongewenst is gaat het kabinet de regels rond de beslagvrije voet makkelijker maken.

Geschat wordt dat het onder de huidige regelgeving drie uur voor werkgevers vraagt om een beslaglegging te verwerken. Door het vereenvoudigde proces, waar de derde-beslagene (werkgever) eigenlijk alleen nog te maken heeft met de coördinerende deurwaarder, gaat het kabinet ervan uit dat dit onder de nieuwe regels nog één uur kost.

In 34 procent van de gevallen wordt het beslag bij een werkgever gelegd, in de overige gevallen wordt er beslag gelegd bij een uitkeringsinstantie. Bij een totaal van 650.000 beslagen per jaar betekent dit 187.000 derdenbeslagen bij een werkgever. Met een tarief van € 40 per uur komt de structurele besparing uit op een bedrag van afgerond € 14 miljoen. Voor de eenmalige kosten voor bedrijven (werkgevers) wordt geschat dat gedurende het eerste jaar het per beslag 2 uren tijd vergt om kennis te nemen van het nieuwe proces van beslaglegging. Met 187.000 beslagen en een uurtarief van € 40 komen de eenmalige kosten op een bedrag van afgerond € 15 miljoen.

De nota van wijziging bevat een aantal wijzigingen van technische en redactionele aard. Daarnaast bevat deze nota een voorstel dat ervoor zorgt dat wanneer eigenlijk beslag gelegd had moet worden op een andere inkomstenbron, het beslag niet nietig maar vernietigbaar is. Bijvoorbeeld omdat er geen rekening is gehouden met een inkomstenbron waar wettelijk gezien eerst beslag op had moeten worden gelegd. Door het beslag niet nietig maar vernietigbaar te laten zijn, wordt voorkomen dat, ook als de beslagvrije voet in acht wordt genomen, een beslag automatisch teruggedraaid moet worden. (Bron: Sociaal Werk Nederland e.a., 13 dec. 2016)

Gerelateerde artikelen en/of partner bijdragen:
Gerelateerd nieuws en/of opinies:


 Bedrijfsovername    Concurrentiebeding