Verlof voor en na invoering werkkostenregeling    Wettelijke (verlof) verplichtingen 


Wet arbeid en zorg

Datum laatste wijziging: 5 april 2018  |  Trefwoorden: Wet arbeid en zorg, WAZO, Meerling, Zwangerschapsverlof

Inhoud

  1. Wettelijk noodzakelijke zorg
  2. Indeling Wet arbeid en zorg
  3. Overig onderscheid
  4. Wijziging Wet arbeid en zorg en de Arbeidstijdenwet
  5. Internet
  6. Samenvatting Wet Arbeid en Zorg
  7. Meerlingenverlof Wet Arbeid en Zorg per 1 april 2016 in werking
  8. Flexibel werken twee keer zo belangrijk als bonus
  9. Meerlingenverlof aangepast

Wettelijk noodzakelijke zorg

De Wet arbeid en zorg (WAZO) biedt werknemers een aantal interessante mogelijkheden om een eigen tijdbeleid beter in te vullen. In de wet gaat het om voorzieningen voor noodzakelijke zorg, naast betaald werk. Daarmee zegt het kabinet grote waarde te hechten aan zorg, niet alleen voor kinderen maar ook voor verwanten. Het zoeken naar het juiste niveau van de verlofrechten leidt ertoe dat verschillende belangen moeten worden afgewogen. Zo geldt voor bijvoorbeeld zwangerschaps-, bevallings- en adoptieverlof dat het essentieel is dat er geen belemmeringen voor opname bestaan. Bij kortdurend zorgverlof heeft de werkgever het recht om een verzoek op grond van zwaarwegende bedrijfsbelangen te weigeren. En bij ouderschapverlof moet dit in overleg met de werkgever worden geregeld waarbij de betaling van het verlof (uiteindelijk) wordt overgelaten aan de sociale partners. Bij CAO kan worden afgeweken van sommige bepalingen van de WAZO.




Een aantal van de in de WAZO opgenomen verlofsoorten is betaald verlof, zoals calamiteitenverlof en zwangerschaps- en bevallingsverlof. Andere soorten verlof zijn als regel onbetaald, zoals ouderschapsverlof en langdurend zorgverlof. Ook kan in een CAO zijn vastgelegd dat er gedeeltelijke loondoorbetalingsverplichting is, zoals bij ouderschapsverlof (vnl. overheid).

De WAZO, waarin alle bestaande verlofregelingen in één samenhangend geheel zijn ondergebracht, geldt zowel voor werknemers als voor ambtenaren.

Indeling Wet arbeid en zorg

1. Verlof voor zwangerschap, bevalling, adoptie, pleegzorg en ouderschapsverlof

  • zwangerschaps- en bevallingsverlof;
  • adoptieverlof en verlof in verband met pleegzorg;
  • ouderschapsverlof.

2. Calamiteitenverlof en zorgverlof

  • calamiteiten- en ander kortverzuimverlof;
  • kraamverlof;
  • kortdurend zorgverlof;
  • langdurend zorgverlof (inclusief palliatief verlof = verlof bij stervensbegeleiding).

3. Verlof voor loopbaanonderbreking

  • levensloopregeling¹;
  • wet onbetaald verlof en sociale verzekeringen*;
  • wet aanpassing arbeidsduur;
  • langdurend onbetaald verlof en ziekte.

¹ De levensloopregeling is per 1 januari 2012 afgeschaft (zie subrubriek Levensloopregeling).

*Zie subrubriek Onbetaald verlof.

4. Overige verlofregelingen

  • adv-/roostervrij verlof;
  • bijzondere feestdagen;
  • kopen en verkopen van verlofrechten.

5. Vakantie

  • wettelijke regeling**;
  • bovenwettelijke afspraken.
** De wettelijke regeling van vakantie is opgenomen in het Burgerlijk Wetboek (7:634 BW en verder).

Overig onderscheid

Verlof is een ruim begrip dat algemeen duidt op het hebben van vrijaf. Verder kan onderscheid worden gemaakt tussen (volledig) wettelijk betaald, gedeeltelijke betaald (wordt soms door de werkgever aangevuld tot volledig betaald) en onbetaald verlof.

Wijziging Wet arbeid en zorg en de Arbeidstijdenwet

Het kabinet wil dat werknemers betaald werk, zorgtaken en vrijwilligerswerk beter met elkaar kunnen combineren. Dat kan als er meer mogelijkheden komen voor flexibele werktijden en thuiswerken. Ook moeten de openingstijden van maatschappelijke organisaties beter worden afgestemd op werktijden.

Samengevat gaat het om het volgende:
  • opname en spreiding van ouderschapsverlof wordt flexibeler: een werknemer kan ouderschapsverlof straks op de door hem gewenste wijze opnemen en/of spreiden. Een vader kan bijvoorbeeld een deel van het ouderschapsverlof gebruiken om vlak na de geboorte bij zijn kind en partner te zijn als alternatief voor een aparte ‘vaderschapsverlofregeling’;
  • het bevallingsverlof bij een ziekenhuisopname wordt uitgebreid;
  • kort- en langdurend zorgverlof worden ook mogelijk voor huisgenoten die een gezamenlijk huishouden hebben maar niet tot de eerste of tweede graad horen;
  • langdurend zorgverlof kan straks binnen een langere periode – van 18 maanden – worden opgenomen of voor meer uren dan de helft van de arbeidsuren per week;
  • het wordt gemakkelijker om werktijden (tijdelijk) aan te passen: de aanvraagtermijn van vier maanden voor de beoogde ingangsdatum van nieuwe werktijden vervalt bij onvoorziene, externe omstandigheden (bijvoorbeeld mantelzorg);
  • een verzoek tot aanpassing van de arbeidsduur mag straks één keer per jaar worden ingediend in plaats van eenmaal per twee jaar;
  • bij verandering van baan kan een werknemer bij zijn oude werkgever een verklaring opvragen met daarin een overzicht van het resterende ouderschapsverlof. De nieuwe werkgever moet er rekening mee houden dat hij direct na indiensttreding kan worden geconfronteerd met een verzoek om ouderschapsverlof van de nieuwe werknemer. De werknemer hoeft niet meer minimaal één jaar in dienst te zijn voor zo’n verzoek;
  • de termijn waarbinnen pleegzorg- en adoptieverlof moet worden opgenomen, wordt verruimd. Op dit moment moet het verlof binnen een termijn van 18 weken worden opgenomen: vanaf twee weken vóór de adoptie tot 16 weken erna. Straks wordt die termijn 26 weken. In overleg met de werkgever kan de werknemer straks afwijken van een aaneengesloten fulltime opname van vier weken verlof, door bijvoorbeeld acht weken lang 25% van de arbeidsduur op te nemen.
NB: Nieuwe wetgeving rond de combinatie van werk en zorgtaken is overbodig. Dat zegt werkgeversvereniging AWVN aan de vooravond van een door minister Asscher georganiseerde werkconferentie over arbeid en zorg. AWVN baseert zich op eigen onderzoek naar de wijze waarop ondernemingen de combinatie van werk en privéleven met hun werknemers hebben geregeld. (Bron: AWVN, 15 nov. 2013)

De Tweede Kamer is op 14 oktober 2014 met de Wet arbeid en zorg akkoord gegaan. De Eerste Kamer nam het wetsontwerp op 16 december 2014 unaniem aan.

Internet

De Wet arbeid en zorg is te vinden op internet.

Samenvatting Wet Arbeid en Zorg

Ouderschapsverlof

Ouders krijgen een onvoorwaardelijk recht op drie dagen opname van ouderschapsverlof rond de geboorte van het kind. Daarmee krijgen zij - naast het huidige kraamverlof van twee dagen - meer mogelijkheden om rond de geboorte tijd door te brengen met hun kind. De eis dat men één jaar in dienst moet zijn bij de werkgever voor het aanvragen van ouderschapsverlof vervalt.

Bevallingsverlof

Het bevallingsverlof van moeders bij een langdurige ziekenhuisopname van haar pasgeboren kind wordt verlengd. Een moeder krijgt de gelegenheid om na de ziekenhuisopname haar kind tien weken thuis te verzorgen. Het huidige zwangerschap- en bevallingsverlof van zestien weken is in die gevallen niet afdoende. Zo mag straks het bevallingsverlof vanaf de 6e week na de bevalling in deeltijd opgenomen worden over een periode van maximaal 30 weken.

Overlijden van moeder bij de geboorte

Het bevallingsverlof van een moeder gaat over naar haar partner als zij overlijdt bij de geboorte van het kind of tijdens het bevallingsverlof. Op die manier is een pasgeboren kind verzekerd van de zorg van een ouder.

Flexibel verlof (Wet aanpassing arbeidsduur)

Werknemers mogen volgens de nieuwe wet elk jaar vragen om een andere arbeidsduur. Tot nu toe kon dat maar één keer per twee jaar. Hierdoor kan ook verlof flexibeler worden opgenomen.

Pleegzorg- en adoptieverlof

Werknemers kunnen straks in overleg met de werkgever hun verlof gespreid opnemen. Dat is nu nog vier weken aaneengesloten. Er komt ook een verruiming van de opnametermijn van 18 naar 26 weken rond opname van het kind. (Bron: Min. SZW)

Meerlingenverlof Wet Arbeid en Zorg per 1 april 2016 in werking

Recent is bekend geworden dat de laatste wijziging, die van het meerlingenverlof, per 1 april 2016 in werking zal treden. Een eerdere inwerkingtreding bleek niet mogelijk, omdat het UWV hiervoor noodzakelijk aanpassingen moet doorvoeren in hun ICT-systeem. Het meerlingenverlof houdt in dat, wanneer werknemers zwanger zijn van een meerling, het zwangerschapsverlof 10 tot uiterlijk 8 weken voor de uitgerekende bevallingsdatum ingaat. Nu is dat nog 6 tot uiterlijk 4 weken voor de uitgerekende datum. Hiermee zijn alle wijzigingen van de Wet Arbeid en Zorg doorgevoerd. (Bron: AWVN, 23 jun. 2015)




Per 1 april 2018 worden de regels van meerlingenverlof aangepast

De regels voor werkneemsters, die in verwachting zijn van een meerling, worden aangepast om hen recht te geven op langer verlof. De wetswijziging geldt vanaf 1 april 2018.
Momenteel kan een werkneemster die in verwachting is van een meerling vanaf tien tot acht weken voor de uitgerekende bevallingsdatum zwangerschapsverlof opnemen. Een werkneemster met een eenlingzwangerschap kan dit vanaf zes tot vier weken voor de uitgerekende datum doen. Omdat het zwangerschapsverlof bij een meerling dus minimaal twee weken eerder ingaat en de minimale duur van het bevallingsverlof (tien weken) voor iedereen gelijk is, duurt in theorie het totale verlof bij een meerling langer. De praktijk blijkt anders.

Bij meerling recht op in totaal 20 weken verlof

Onder de huidige regels kunnen werkneemsters bij meerlingzwangerschap – net als vrouwen die één kind verwachten – het bevallingsverlof verlengen met het aantal verlofdagen dat het zwangerschapsverlof minder dan zes weken heeft geduurd. Hoewel werkneemsters bij een meerling eerder met verlof gaan, bevallen zij vaak ook eerder. Daardoor duurt hun totale verlof niet (veel) langer dan bij een eenlingzwangerschap en dat was wel het doel van het meerlingenverlof. Door de wijziging van de Wet arbeid en zorg (WAZO) per 1 april kunnen zij het bevallingsverlof verlengen met het aantal verlofdagen dat het zwangerschapsverlof minder dan tien weken heeft geduurd. Het meerlingenverlof duurt dan echt 20 weken, in plaats van de reguliere 16 weken.

Maatregel opgenomen in Verzamelwet SZW 2018

Het meerlingenverlof bestaat al sinds 1 april 2016. Het vorige kabinet wilde met die uitbreiding van het zwangerschapsverlof de gezondheid bevorderen van werkneemsters die een meerling verwachten, zoals een tweeling of drieling. 90% van deze werkneemsters bleek zich namelijk ziek te melden vóór het zwangerschapsverlof. Omdat het verlof niet werkte zoals bedoeld, werd bovenstaande wijziging bedacht. Het kabinet nam deze op in het wetsvoorstel voor langer kraamverlof. Toen dat voorstel verviel, werd de wijziging van het meerlingenverlof opgenomen in de verzamelwet SVW 2018. De nieuwe regels kunnen daardoor per 1 april 2018 ingaan (zonder terugwerkende kracht).
 
 

Flexibel werken twee keer zo belangrijk als bonus

Thuiswerken en flexibele werktijden worden door Nederlanders beschouwd als de belangrijkste secundaire arbeidsvoorwaarde. Dit blijkt uit onderzoek van Paralax onder 179 Nederlanders. Een derde van de Nederlanders hecht het meest aan thuiswerken, daarna volgt flexibele werktijden met 28 procent. Een bonus wordt door maar 16 procent van de respondenten gekozen.

Gerelateerde artikelen en/of partner bijdragen:
Gerelateerd nieuws en/of opinies:


 Verlof voor en na invoering werkkostenregeling    Wettelijke (verlof) verplichtingen